BWBR0040982
Geldig vanaf 2021-06-08
Artikel 7
Regeling uitkering chroom-6 Defensie
1. De nabestaande heeft recht op een nabestaandenuitkering ter hoogte van € 4.110,59 als aannemelijk is dat de werknemer is overleden aan long-, neus-, neusbijholte-, maag- of strottenhoofdkanker of aan een chronische longziekte met AMA-klasse 4, en in verband met deze aandoening:
a. de werknemer een coulancetegemoetkoming is toegekend; of
b. de werknemer een uitkering op grond van artikel 3 is toegekend; of
c. de erfgenamen een uitkering op grond van artikel 4 is toegekend; of
d. de werknemer een uitkering op grond van deze regeling zou zijn toegekend, ware hij niet overleden voor inwerkingtreding van deze regeling.
2. Als de nabestaande reeds is overleden wordt voor de toepassing van het eerste lid, het bedrag van € 4.110,59 toegekend aan het kind van de werknemer, of bij meerdere kinderen aan hen gezamenlijk, op voorwaarde dat een verklaring van erfrecht wordt overgelegd.
a. de werknemer een coulancetegemoetkoming is toegekend; of
b. de werknemer een uitkering op grond van artikel 3 is toegekend; of
c. de erfgenamen een uitkering op grond van artikel 4 is toegekend; of
d. de werknemer een uitkering op grond van deze regeling zou zijn toegekend, ware hij niet overleden voor inwerkingtreding van deze regeling.
2. Als de nabestaande reeds is overleden wordt voor de toepassing van het eerste lid, het bedrag van € 4.110,59 toegekend aan het kind van de werknemer, of bij meerdere kinderen aan hen gezamenlijk, op voorwaarde dat een verklaring van erfrecht wordt overgelegd.