BWBR0040906
Geldig vanaf 2018-05-17
Artikel 2
Instellingsbesluit Onderzoekscommissie NFI inzake vermoeden van een misstand MIT
1. Er is een onafhankelijke Onderzoekscommissie NFI inzake een melding van een vermoeden van een misstand bij de uitvoering van de onderzoeksmethode Micro-analyse Invasieve Trauma’s door het Nederlands Forensisch Instituut.
2. De Commissie heeft tot taak te beoordelen:
a) of de verwijten of beschuldigingen van de melder gegrond zijn dat bij de uitvoering van de onderzoeksmethode Micro-analyse Invasieve Trauma’s procedures niet zijn gevolgd dan wel onduidelijk zijn geweest;
b) of er bij de uitvoering van de hiervoor onder 2a genoemde onderzoeksmethode sprake is geweest van enige wijze van handelen of nalaten door één of meerdere medewerkers van het NFI in strijd met de voor hen toepasselijke gedragsregels en/of wetenschappelijk aanvaard normenkader. De Commissie onderzoekt uitdrukkelijk het proces dat bij deze onderzoeksmethode is gevolgd en niet het functioneren van personen;
c) of er sprake is geweest van enige wijze van handelen of nalaten door één of meer medewerkers van het NFI dat is aan te merken als een misstand in de zin van artikel 1, onderdeel d, van de Wet Huis voor klokkenluiders. De Commissie onderzoekt uitdrukkelijk het proces dat bij deze onderzoeksmethode is gevolgd en niet het functioneren van personen;
3. De Commissie is bevoegd gedurende het onderzoek aanvullende vragen te formuleren en deze te onderzoeken en beantwoorden, indien zij dat dienstig acht aan haar opdracht.
4. Naar aanleiding van de bevindingen en conclusies is de Commissie bevoegd aanbevelingen te doen, die mede betrekking kunnen hebben op de huidige standaarden voor de onderzoeksmethode Micro-Analyse Invasieve Trauma’s en de toepassing daarvan.
2. De Commissie heeft tot taak te beoordelen:
a) of de verwijten of beschuldigingen van de melder gegrond zijn dat bij de uitvoering van de onderzoeksmethode Micro-analyse Invasieve Trauma’s procedures niet zijn gevolgd dan wel onduidelijk zijn geweest;
b) of er bij de uitvoering van de hiervoor onder 2a genoemde onderzoeksmethode sprake is geweest van enige wijze van handelen of nalaten door één of meerdere medewerkers van het NFI in strijd met de voor hen toepasselijke gedragsregels en/of wetenschappelijk aanvaard normenkader. De Commissie onderzoekt uitdrukkelijk het proces dat bij deze onderzoeksmethode is gevolgd en niet het functioneren van personen;
c) of er sprake is geweest van enige wijze van handelen of nalaten door één of meer medewerkers van het NFI dat is aan te merken als een misstand in de zin van artikel 1, onderdeel d, van de Wet Huis voor klokkenluiders. De Commissie onderzoekt uitdrukkelijk het proces dat bij deze onderzoeksmethode is gevolgd en niet het functioneren van personen;
3. De Commissie is bevoegd gedurende het onderzoek aanvullende vragen te formuleren en deze te onderzoeken en beantwoorden, indien zij dat dienstig acht aan haar opdracht.
4. Naar aanleiding van de bevindingen en conclusies is de Commissie bevoegd aanbevelingen te doen, die mede betrekking kunnen hebben op de huidige standaarden voor de onderzoeksmethode Micro-Analyse Invasieve Trauma’s en de toepassing daarvan.