BWBR0040606
Geldig vanaf 2018-02-14
Artikel 34
Organisatiebesluit VWS 2018
De baten-lastendienst Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu staat onder leiding van een Directeur-Generaal (DG). De Chief Financial Officer (CFO) is tevens plaatsvervangend Directeur-Generaal (pDG) en is verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering.
1. Onder de DG ressorteren: a. de CFO/pDG;
b. de directeur Volksgezondheid en Zorg;
c. de directeur Centrum Infectieziektebestrijding;
d. de directeur Milieu en Veiligheid;
e. de stafeenheid Bureau Directieraad;
f. het Projectbureau Nieuwe Huisvesting RIVM.
a. de CFO/pDG;
b. de directeur Volksgezondheid en Zorg;
c. de directeur Centrum Infectieziektebestrijding;
d. de directeur Milieu en Veiligheid;
e. de stafeenheid Bureau Directieraad;
f. het Projectbureau Nieuwe Huisvesting RIVM.
2. Onder de pDG ressorteren: a. de stafeenheid Communicatie en Documentaire Informatievoorziening;
b. de stafeenheid Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel;
c. de stafeenheid Finance, Compliance en Control;
d. de Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma’s;
e. het Shared Service Centrum Campus.
a. de stafeenheid Communicatie en Documentaire Informatievoorziening;
b. de stafeenheid Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel;
c. de stafeenheid Finance, Compliance en Control;
d. de Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma’s;
e. het Shared Service Centrum Campus.
3. Onder de directeur Volksgezondheid en Zorg ressorteren de volgende onderdelen: a. Centrum Gezondheid en Maatschappij;
b. Centrum Gezondheidsbescherming;
c. Centrum Voeding, Preventie en Zorg;
d. Centrum voor Bevolkingsonderzoek.
a. Centrum Gezondheid en Maatschappij;
b. Centrum Gezondheidsbescherming;
c. Centrum Voeding, Preventie en Zorg;
d. Centrum voor Bevolkingsonderzoek.
4. Onder de directeur Centrum Infectieziektebestrijding ressorteren de volgende onderdelen: a. Centrum Epidemiologie en Surveillance van Infectieziekten;
b. Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding;
c. Centrum Infectieziekteonderzoek, Diagnostiek en Screening;
d. Centrum Zoönosen en Omgevingsmicrobiologie;
e. Centrum Immunologie van Infectieziekten en Vaccins;
f. Centrum antibioticaresistentie.
a. Centrum Epidemiologie en Surveillance van Infectieziekten;
b. Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding;
c. Centrum Infectieziekteonderzoek, Diagnostiek en Screening;
d. Centrum Zoönosen en Omgevingsmicrobiologie;
e. Centrum Immunologie van Infectieziekten en Vaccins;
f. Centrum antibioticaresistentie.
5. Onder de directeur Milieu en Veiligheid ressorteren de volgende onderdelen: a. Centrum Veiligheid van Stoffen en Producten;
b. Centrum Duurzaamheid, Milieu en Gezondheid;
c. Centrum Milieukwaliteit;
d. Centrum Veiligheid.
a. Centrum Veiligheid van Stoffen en Producten;
b. Centrum Duurzaamheid, Milieu en Gezondheid;
c. Centrum Milieukwaliteit;
d. Centrum Veiligheid.
1. Onder de DG ressorteren: a. de CFO/pDG;
b. de directeur Volksgezondheid en Zorg;
c. de directeur Centrum Infectieziektebestrijding;
d. de directeur Milieu en Veiligheid;
e. de stafeenheid Bureau Directieraad;
f. het Projectbureau Nieuwe Huisvesting RIVM.
a. de CFO/pDG;
b. de directeur Volksgezondheid en Zorg;
c. de directeur Centrum Infectieziektebestrijding;
d. de directeur Milieu en Veiligheid;
e. de stafeenheid Bureau Directieraad;
f. het Projectbureau Nieuwe Huisvesting RIVM.
2. Onder de pDG ressorteren: a. de stafeenheid Communicatie en Documentaire Informatievoorziening;
b. de stafeenheid Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel;
c. de stafeenheid Finance, Compliance en Control;
d. de Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma’s;
e. het Shared Service Centrum Campus.
a. de stafeenheid Communicatie en Documentaire Informatievoorziening;
b. de stafeenheid Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel;
c. de stafeenheid Finance, Compliance en Control;
d. de Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma’s;
e. het Shared Service Centrum Campus.
3. Onder de directeur Volksgezondheid en Zorg ressorteren de volgende onderdelen: a. Centrum Gezondheid en Maatschappij;
b. Centrum Gezondheidsbescherming;
c. Centrum Voeding, Preventie en Zorg;
d. Centrum voor Bevolkingsonderzoek.
a. Centrum Gezondheid en Maatschappij;
b. Centrum Gezondheidsbescherming;
c. Centrum Voeding, Preventie en Zorg;
d. Centrum voor Bevolkingsonderzoek.
4. Onder de directeur Centrum Infectieziektebestrijding ressorteren de volgende onderdelen: a. Centrum Epidemiologie en Surveillance van Infectieziekten;
b. Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding;
c. Centrum Infectieziekteonderzoek, Diagnostiek en Screening;
d. Centrum Zoönosen en Omgevingsmicrobiologie;
e. Centrum Immunologie van Infectieziekten en Vaccins;
f. Centrum antibioticaresistentie.
a. Centrum Epidemiologie en Surveillance van Infectieziekten;
b. Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding;
c. Centrum Infectieziekteonderzoek, Diagnostiek en Screening;
d. Centrum Zoönosen en Omgevingsmicrobiologie;
e. Centrum Immunologie van Infectieziekten en Vaccins;
f. Centrum antibioticaresistentie.
5. Onder de directeur Milieu en Veiligheid ressorteren de volgende onderdelen: a. Centrum Veiligheid van Stoffen en Producten;
b. Centrum Duurzaamheid, Milieu en Gezondheid;
c. Centrum Milieukwaliteit;
d. Centrum Veiligheid.
a. Centrum Veiligheid van Stoffen en Producten;
b. Centrum Duurzaamheid, Milieu en Gezondheid;
c. Centrum Milieukwaliteit;
d. Centrum Veiligheid.