Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
accreditatiekader: accreditatiekader als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
deelnemende instelling: instelling voor hoger onderwijs die op grond van artikel 10 is geselecteerd voor deelname aan het experiment;
erkenning ITK: erkenning ITK als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
instelling voor hoger onderwijs: instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
instellingsaccreditatie: instellingsaccreditatie, verleend op grond van artikel 11;
instellingsbestuur: instellingsbestuur als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
kwaliteitsaspecten I: a. het beoogde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is; en
b. het gerealiseerde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is;
a. het beoogde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is; en
b. het gerealiseerde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is;
kwaliteitsaspecten II: a. voor zover het een deelnemende instelling betreft waaraan een erkenning ITK is verleend: 1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam; en
3°. de deugdelijkheid van de beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam; en
3°. de deugdelijkheid van de beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
b. voor zover het een deelnemende instelling betreft waaraan geen erkenning ITK is verleend: 1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam;
3°. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding, daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen;
4°. de vormgeving en effectiviteit van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding; en
5°. de deugdelijkheid van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam;
3°. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding, daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen;
4°. de vormgeving en effectiviteit van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding; en
5°. de deugdelijkheid van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
a. voor zover het een deelnemende instelling betreft waaraan een erkenning ITK is verleend: 1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam; en
3°. de deugdelijkheid van de beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam; en
3°. de deugdelijkheid van de beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
b. voor zover het een deelnemende instelling betreft waaraan geen erkenning ITK is verleend: 1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam;
3°. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding, daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen;
4°. de vormgeving en effectiviteit van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding; en
5°. de deugdelijkheid van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam;
3°. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding, daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen;
4°. de vormgeving en effectiviteit van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding; en
5°. de deugdelijkheid van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
medezeggenschapsraad: gezamenlijke vergadering als bedoeld in artikel 9.30a, 10.16b, of 11.13 van de wet, universiteitsraad als bedoeld in artikel 9.31 of 11.13 van de wet, of medezeggenschapsraad als bedoeld in artikel 10.17 van de wet;
NVAO: accreditatieorgaan als bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, van de wet;
Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
wet:Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.
accreditatiekader: accreditatiekader als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
deelnemende instelling: instelling voor hoger onderwijs die op grond van artikel 10 is geselecteerd voor deelname aan het experiment;
erkenning ITK: erkenning ITK als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
instelling voor hoger onderwijs: instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
instellingsaccreditatie: instellingsaccreditatie, verleend op grond van artikel 11;
instellingsbestuur: instellingsbestuur als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;
kwaliteitsaspecten I: a. het beoogde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is; en
b. het gerealiseerde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is;
a. het beoogde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is; en
b. het gerealiseerde eindniveau van de opleiding, gelet op hetgeen internationaal gewenst en gangbaar is;
kwaliteitsaspecten II: a. voor zover het een deelnemende instelling betreft waaraan een erkenning ITK is verleend: 1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam; en
3°. de deugdelijkheid van de beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam; en
3°. de deugdelijkheid van de beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
b. voor zover het een deelnemende instelling betreft waaraan geen erkenning ITK is verleend: 1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam;
3°. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding, daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen;
4°. de vormgeving en effectiviteit van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding; en
5°. de deugdelijkheid van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam;
3°. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding, daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen;
4°. de vormgeving en effectiviteit van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding; en
5°. de deugdelijkheid van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
a. voor zover het een deelnemende instelling betreft waaraan een erkenning ITK is verleend: 1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam; en
3°. de deugdelijkheid van de beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam; en
3°. de deugdelijkheid van de beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
b. voor zover het een deelnemende instelling betreft waaraan geen erkenning ITK is verleend: 1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam;
3°. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding, daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen;
4°. de vormgeving en effectiviteit van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding; en
5°. de deugdelijkheid van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
1°. de inhoud en opzet van het onderwijsprogramma;
2°. de kwaliteit van het docententeam;
3°. de opleidingsspecifieke voorzieningen alsmede de instellingsbrede voorzieningen die van invloed zijn op de kwaliteit van de opleiding, daaronder mede begrepen voldoende studiebegeleiding en voorzieningen die de toegankelijkheid en studeerbaarheid voor studenten met een functiebeperking bevorderen;
4°. de vormgeving en effectiviteit van de interne kwaliteitszorg gericht op de systematische verbetering van de opleiding; en
5°. de deugdelijkheid van beoordeling, toetsing en examinering van de studenten;
medezeggenschapsraad: gezamenlijke vergadering als bedoeld in artikel 9.30a, 10.16b, of 11.13 van de wet, universiteitsraad als bedoeld in artikel 9.31 of 11.13 van de wet, of medezeggenschapsraad als bedoeld in artikel 10.17 van de wet;
NVAO: accreditatieorgaan als bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, van de wet;
Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
wet:Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.