BWBR0040282
Geldig vanaf 2018-12-17
Artikel 4
Tijdelijke subsidieregeling ontwikkeladvies vijfenveertigplussers
1. Voor subsidies op grond van artikel 2is in totaal € 17.000.000 beschikbaar.
2. Indien op enig tijdstip voor 1 juli 2019 € 12.500.000 van het beschikbare bedrag, genoemd in het eerste lid, is verstrekt, is in de periode tot 1 juli 2019 het resterende bedrag van € 4.500.000 uitsluitend beschikbaar voor werkenden die werkzaam zijn in de volgende beroepsgroepen:
a. secretarieel personeel, managementassistenten, medewerkers data-invoer, typisten en tekstverwerkers voor zover geen sprake is van: 1°. administratieve-, financieel/boekhoudkundige- en salaris- en personeelsfuncties;
2°. een dienstbetrekking in de sector zorg en welzijn;
3°. een dienstbetrekking in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement.
1°. administratieve-, financieel/boekhoudkundige- en salaris- en personeelsfuncties;
2°. een dienstbetrekking in de sector zorg en welzijn;
3°. een dienstbetrekking in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement.
b. werkenden in beroepen in de cateringbranche;
c. werkenden in de sector detailhandel en in fysieke winkels in de reisbranche;
d. gemeenteambtenaren;
e. buitengewoon opsporingsambtenaren, bedoeld in artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering, toezichthouders en handhavers, voor zover niet werkzaam in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;
f. schoonmakers, voor zover geen sprake is van een dienstbetrekking in de sector zorg en welzijn en in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;
g. ambulancepersoneel en meldkamerpersoneel ten behoeve van de ambulancedienst;
h. werkenden in de sector primair onderwijs;
i. werkenden in de sector middelbaar beroepsonderwijs.
3. Indien toepassing is gegeven aan het tweede lid en het bedrag van € 4.500.000 op 1 juli 2019 niet volledig is verstrekt, is per 1 juli 2019 het resterende bedrag beschikbaar voor alle werkenden, bedoeld in artikel 2, onderdeel a.
2. Indien op enig tijdstip voor 1 juli 2019 € 12.500.000 van het beschikbare bedrag, genoemd in het eerste lid, is verstrekt, is in de periode tot 1 juli 2019 het resterende bedrag van € 4.500.000 uitsluitend beschikbaar voor werkenden die werkzaam zijn in de volgende beroepsgroepen:
a. secretarieel personeel, managementassistenten, medewerkers data-invoer, typisten en tekstverwerkers voor zover geen sprake is van: 1°. administratieve-, financieel/boekhoudkundige- en salaris- en personeelsfuncties;
2°. een dienstbetrekking in de sector zorg en welzijn;
3°. een dienstbetrekking in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement.
1°. administratieve-, financieel/boekhoudkundige- en salaris- en personeelsfuncties;
2°. een dienstbetrekking in de sector zorg en welzijn;
3°. een dienstbetrekking in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement.
b. werkenden in beroepen in de cateringbranche;
c. werkenden in de sector detailhandel en in fysieke winkels in de reisbranche;
d. gemeenteambtenaren;
e. buitengewoon opsporingsambtenaren, bedoeld in artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering, toezichthouders en handhavers, voor zover niet werkzaam in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;
f. schoonmakers, voor zover geen sprake is van een dienstbetrekking in de sector zorg en welzijn en in de sector Rijk, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel e, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;
g. ambulancepersoneel en meldkamerpersoneel ten behoeve van de ambulancedienst;
h. werkenden in de sector primair onderwijs;
i. werkenden in de sector middelbaar beroepsonderwijs.
3. Indien toepassing is gegeven aan het tweede lid en het bedrag van € 4.500.000 op 1 juli 2019 niet volledig is verstrekt, is per 1 juli 2019 het resterende bedrag beschikbaar voor alle werkenden, bedoeld in artikel 2, onderdeel a.