BWBR0039928
Geldig vanaf 2017-08-31
Artikel 2
Ondermandaatbesluit niet-beheersaangelegenheden van het College van procureurs-generaal 2017
1. In aanvulling op artikel 1wordt aan het hoofd van het parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie ondermandaat verleend ten aanzien van:
a. het beslissen op bezwaarschriften voor zover het gaat om zaken die zijn parket betreffen en die betrekking hebben op verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur en het nemen van daarmee samenhangende beslissingen;
b. het beslissen op bezwaarschriften voor zover het gaat om zaken die zijn parket betreffen en die betrekking hebben op verzoeken op grond van de Wet hergebruik van overheidsinformatie en het nemen van daarmee samenhangende beslissingen;
c. het behandelen van beroepschriften naar aanleiding van beslissingen op bezwaar voor zover het gaat om zaken die zijn parket betreffen, evenals het optreden ter zitting en het aanwenden van rechtsmiddelen naar aanleiding van deze beroepschriften.
2. Het hoofd van het parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie kan:
a. in afwijking van artikel 1, derde lid, het in artikel 1, eerste lid, onder a en b gegeven ondermandaat maximaal twee hiërarchische niveaus doorgeven.
b. het in artikel 2, eerste lid, onder a en b gegeven ondermandaat één hiërarchisch niveau doorgeven.
c. het in artikel 2, eerste lid, onder c gegeven ondermandaat doorgeven aan onder hem ressorterende medewerkers die met die taak zijn belast.
a. het beslissen op bezwaarschriften voor zover het gaat om zaken die zijn parket betreffen en die betrekking hebben op verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur en het nemen van daarmee samenhangende beslissingen;
b. het beslissen op bezwaarschriften voor zover het gaat om zaken die zijn parket betreffen en die betrekking hebben op verzoeken op grond van de Wet hergebruik van overheidsinformatie en het nemen van daarmee samenhangende beslissingen;
c. het behandelen van beroepschriften naar aanleiding van beslissingen op bezwaar voor zover het gaat om zaken die zijn parket betreffen, evenals het optreden ter zitting en het aanwenden van rechtsmiddelen naar aanleiding van deze beroepschriften.
2. Het hoofd van het parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie kan:
a. in afwijking van artikel 1, derde lid, het in artikel 1, eerste lid, onder a en b gegeven ondermandaat maximaal twee hiërarchische niveaus doorgeven.
b. het in artikel 2, eerste lid, onder a en b gegeven ondermandaat één hiërarchisch niveau doorgeven.
c. het in artikel 2, eerste lid, onder c gegeven ondermandaat doorgeven aan onder hem ressorterende medewerkers die met die taak zijn belast.