BWBR0039787
Geldig vanaf 1996-05-01
Artikel 5
Regeling dienstreizen defensie
1. De indeling in reisklassen, bedoeld in artikel 7, tweede lid, van het BDD, geschiedt volgens bijlage A, Klasse-indeling bij dienstreizen Defensie.
2. Indien bij een dienstreis met het vliegtuig een in bijlage A genoemde vliegtuigklasse niet voorkomt, bepaalt de commandant de klasse die met de betrokken klasse overeenkomt.
3. De commandant kan, in voorkomend geval, het reizen met het vliegtuig in een hogere klasse toestaan, indien in de voor de dienstreiziger geldende klasse door plaatsgebrek geen passage kan worden besproken en de reis niet kan worden uitgesteld.
4. Een dienstreiziger is gehouden te reizen in een lagere dan de voor hem geldende klasse, indien het dienstbelang dit vereist, of dit met het oog op de regeling van de dienstreis nodig wordt geacht.
5. De commandant kan de persoonsbeveiliger die ter uitvoering van zijn opdracht een dienstreis onderneemt met een of meer dienstreizigers die in een hogere klasse mogen reizen, toestaan in diezelfde klasse te reizen.
2. Indien bij een dienstreis met het vliegtuig een in bijlage A genoemde vliegtuigklasse niet voorkomt, bepaalt de commandant de klasse die met de betrokken klasse overeenkomt.
3. De commandant kan, in voorkomend geval, het reizen met het vliegtuig in een hogere klasse toestaan, indien in de voor de dienstreiziger geldende klasse door plaatsgebrek geen passage kan worden besproken en de reis niet kan worden uitgesteld.
4. Een dienstreiziger is gehouden te reizen in een lagere dan de voor hem geldende klasse, indien het dienstbelang dit vereist, of dit met het oog op de regeling van de dienstreis nodig wordt geacht.
5. De commandant kan de persoonsbeveiliger die ter uitvoering van zijn opdracht een dienstreis onderneemt met een of meer dienstreizigers die in een hogere klasse mogen reizen, toestaan in diezelfde klasse te reizen.