BWBR0039698
Geldig vanaf 2017-07-01
Artikel 2
Regeling monomestvergisting 2017
1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie:
a. aan een producent van hernieuwbaar gas geproduceerd door een productie-installatie met een nominaal vermogen kleiner dan of gelijk aan 400 kW waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd door middel van vergisting van uitsluitend dierlijke mest;
b. aan een producent van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door een productie-installatie met een nominaal vermogen kleiner dan of gelijk aan 400 kW voor elektrisch vermogen en thermisch vermogen samen en een nominaal elektrisch rendement ten minste 20% waarmee hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd door middel van vergisting van uitsluitend dierlijke mest.
2. Productie-installaties als bedoeld in het eerste lid worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 3, vierde lid, van het besluit.
a. aan een producent van hernieuwbaar gas geproduceerd door een productie-installatie met een nominaal vermogen kleiner dan of gelijk aan 400 kW waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd door middel van vergisting van uitsluitend dierlijke mest;
b. aan een producent van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door een productie-installatie met een nominaal vermogen kleiner dan of gelijk aan 400 kW voor elektrisch vermogen en thermisch vermogen samen en een nominaal elektrisch rendement ten minste 20% waarmee hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd door middel van vergisting van uitsluitend dierlijke mest.
2. Productie-installaties als bedoeld in het eerste lid worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 3, vierde lid, van het besluit.