BWBR0039528
Geldig vanaf 2017-05-04
Artikel 4
Beleidsregels tegemoetkoming geluidsanering windturbines
1. Woningen komen alleen in aanmerking voor het onderzoek, bedoeld in artikel 3, eerste lid, indien:
a. de maatgevende windturbine op of na 1 januari 1997 en voor 1 januari 2011 is geplaatst;
b. de gecumuleerde geluidsbelasting op de gevel als gevolg van een of meer windturbines groter is dan 47dB;
c. de eigenaar van de woning geen zeggenschap heeft over de maatgevende windturbine of de grond waarop deze is geplaatst; en
d. niet de verwachting bestaat dat de eigenaar van de woning binnen vijf jaar na inwerkingtreding van deze beleidsregels zal worden onteigend of dat de bestemming als woning binnen die termijn zal vervallen.
2. De maatregelen worden alleen getroffen voor zover:
a. deze geen wijziging inhouden van de gebruiksmogelijkheden van de gevel vóór de sanering;
b. deze een wijziging inhouden van de gebruiksmogelijkheden van de gevel vóór de sanering, die niet leidt tot meerkosten die ten laste van het Rijk worden gebracht;
c. het bedrag van de werkelijke kosten het maximum niet overschrijdt, zoals berekend met behulp van bijlage D, behorende bij de Subsidieregeling sanering verkeerslawaai.
3. In afwijking van het tweede lid, onderdeel c, kunnen de maatregelen bij een eventuele overschrijding van dat bedrag toch worden getroffen, indien zich naar het oordeel van de Minister bijzondere omstandigheden voordoen.
a. de maatgevende windturbine op of na 1 januari 1997 en voor 1 januari 2011 is geplaatst;
b. de gecumuleerde geluidsbelasting op de gevel als gevolg van een of meer windturbines groter is dan 47dB;
c. de eigenaar van de woning geen zeggenschap heeft over de maatgevende windturbine of de grond waarop deze is geplaatst; en
d. niet de verwachting bestaat dat de eigenaar van de woning binnen vijf jaar na inwerkingtreding van deze beleidsregels zal worden onteigend of dat de bestemming als woning binnen die termijn zal vervallen.
2. De maatregelen worden alleen getroffen voor zover:
a. deze geen wijziging inhouden van de gebruiksmogelijkheden van de gevel vóór de sanering;
b. deze een wijziging inhouden van de gebruiksmogelijkheden van de gevel vóór de sanering, die niet leidt tot meerkosten die ten laste van het Rijk worden gebracht;
c. het bedrag van de werkelijke kosten het maximum niet overschrijdt, zoals berekend met behulp van bijlage D, behorende bij de Subsidieregeling sanering verkeerslawaai.
3. In afwijking van het tweede lid, onderdeel c, kunnen de maatregelen bij een eventuele overschrijding van dat bedrag toch worden getroffen, indien zich naar het oordeel van de Minister bijzondere omstandigheden voordoen.