BWBR0039474
Geldig vanaf 2017-04-19
Artikel 10
Subtaakbesluit Commando Landstrijdkrachten 2015
De brigades staan onder leiding van de brigadecommandanten die allen zijn belast met:
a. het, met inachtneming van de aanwijzingen en de richtlijnen van de Commandant Landstrijdkrachten, geven van de ambtelijke leiding aan de brigade;
b. het operationeel gereed stellen van eenheden en het in stand houden van de gereedheidstatus;
c. het formeren, inzet gereed stellen en bijdragen aan de instandhouding van operationeel gerede respectievelijk ingezette eenheden;
d. het uitvoeren van nazorg en recuperatie van operationeel ingezette eenheden;
e. het als commandant militaire middelen leiding geven aan de inzet van militaire capaciteit ter ondersteuning van civiele autoriteiten bij nationale crisisbeheersing en rampenbestrijding;
f. het in haar regio coördineren van activiteiten op het gebied van maatschappelijke dienstverlening;
g. het onderhouden van relaties met civiele overheden, het bedrijfsleven en de burgerij in haar regio;
h. het uitvoeren van regionale en/of lokale eerstelijns geneeskundige en tandheelkundige verzorging voor militair personeel;
i. het uitvoeren van militaire bijstand en militaire steunverlening;
j. het leveren van een bijdrage aan de informatiebehoefte van de Commandant Landstrijdkrachten, gegeven het eigen terrein van verantwoordelijkheid.
a. het, met inachtneming van de aanwijzingen en de richtlijnen van de Commandant Landstrijdkrachten, geven van de ambtelijke leiding aan de brigade;
b. het operationeel gereed stellen van eenheden en het in stand houden van de gereedheidstatus;
c. het formeren, inzet gereed stellen en bijdragen aan de instandhouding van operationeel gerede respectievelijk ingezette eenheden;
d. het uitvoeren van nazorg en recuperatie van operationeel ingezette eenheden;
e. het als commandant militaire middelen leiding geven aan de inzet van militaire capaciteit ter ondersteuning van civiele autoriteiten bij nationale crisisbeheersing en rampenbestrijding;
f. het in haar regio coördineren van activiteiten op het gebied van maatschappelijke dienstverlening;
g. het onderhouden van relaties met civiele overheden, het bedrijfsleven en de burgerij in haar regio;
h. het uitvoeren van regionale en/of lokale eerstelijns geneeskundige en tandheelkundige verzorging voor militair personeel;
i. het uitvoeren van militaire bijstand en militaire steunverlening;
j. het leveren van een bijdrage aan de informatiebehoefte van de Commandant Landstrijdkrachten, gegeven het eigen terrein van verantwoordelijkheid.