BWBR0038462
Geldig vanaf 03-09-2016
Artikel 7
Regeling vaststelling Tijdelijke subsidieregeling journalistieke innovatie ronde 12 2016
1. Het Stimuleringsfonds beslist gelijktijdig op de aanvragen op basis van de volgende criteria:
1. gerichtheid op journalistieke producten, diensten of werkwijzen die journalistieke functies vervullen op het gebied van nieuwsgaring, nieuwsduiding en opinievorming over de maatschappelijke actualiteit, mede in het belang van politieke meningsvorming;
2. innovatief karakter, dat wil zeggen dat de activiteiten vernieuwingen tot stand brengen in inhoud en strekking, exploitatiewijze of vormgeving van journalistieke functies als nieuwsgaring, nieuwsduiding of opinievorming zodat de persverscheidenheid wordt vergroot en daarmee een vernieuwende bijdrage wordt geleverd aan de journalistieke informatievoorziening;
3. de haalbaarheid van het ingediende activiteitenplan.
2. Het bestuur wijst voor elk van de drie genoemde criteria een score toe van 2, 4, 6 of 8 punten. Het gemiddelde van deze drie scores bepaalt de eindscore van de aanvraag. Op basis van deze eindscores wordt een rangorde gemaakt.
3. Als op grond van de beoordeling, bedoeld in het eerste lid, de in aanmerking komende aanvragen leiden tot overschrijding van een subsidieplafond, kan het Stimuleringsfonds op basis van de vastgestelde rangorde van de aanvragen een subsidie weigeren voor zover door de verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden.
4. Bij een eindscore lager dan 6, kan het Stimuleringsfonds besluiten de aanvraag af te wijzen vanwege de onvoldoende kwaliteit, ook wanneer het subsidieplafond nog niet is bereikt.
5. Bij het bepalen van de hoogte van de subsidie wordt het matchingprincipe toegepast. Hierbij dient de subsidieaanvrager evenveel kosten van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd voor zijn rekening te nemen dan wel door derden te laten meefinancieren. Bij het matchingsprincipe wordt een korting op het vereiste matchingsbedrag gehanteerd van € 20.000 (de ‘matchingsvrije voet’).
1. gerichtheid op journalistieke producten, diensten of werkwijzen die journalistieke functies vervullen op het gebied van nieuwsgaring, nieuwsduiding en opinievorming over de maatschappelijke actualiteit, mede in het belang van politieke meningsvorming;
2. innovatief karakter, dat wil zeggen dat de activiteiten vernieuwingen tot stand brengen in inhoud en strekking, exploitatiewijze of vormgeving van journalistieke functies als nieuwsgaring, nieuwsduiding of opinievorming zodat de persverscheidenheid wordt vergroot en daarmee een vernieuwende bijdrage wordt geleverd aan de journalistieke informatievoorziening;
3. de haalbaarheid van het ingediende activiteitenplan.
2. Het bestuur wijst voor elk van de drie genoemde criteria een score toe van 2, 4, 6 of 8 punten. Het gemiddelde van deze drie scores bepaalt de eindscore van de aanvraag. Op basis van deze eindscores wordt een rangorde gemaakt.
3. Als op grond van de beoordeling, bedoeld in het eerste lid, de in aanmerking komende aanvragen leiden tot overschrijding van een subsidieplafond, kan het Stimuleringsfonds op basis van de vastgestelde rangorde van de aanvragen een subsidie weigeren voor zover door de verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden.
4. Bij een eindscore lager dan 6, kan het Stimuleringsfonds besluiten de aanvraag af te wijzen vanwege de onvoldoende kwaliteit, ook wanneer het subsidieplafond nog niet is bereikt.
5. Bij het bepalen van de hoogte van de subsidie wordt het matchingprincipe toegepast. Hierbij dient de subsidieaanvrager evenveel kosten van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd voor zijn rekening te nemen dan wel door derden te laten meefinancieren. Bij het matchingsprincipe wordt een korting op het vereiste matchingsbedrag gehanteerd van € 20.000 (de ‘matchingsvrije voet’).
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0038462
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl