BWBR0038095
Geldig vanaf 2016-06-25
Artikel 5
Machtiging inzage personeelsgerelateerde gegevens Ministerie van Veiligheid en Justitie aan de Auditdienst Rijk
1. De machtiging geldt voor de duur van de dienstverlening van P-Direkt aan het ministerie.
2. De uitoefening van de machtiging betreft alle in artikel 2bedoelde personeelsgerelateerde gegevens vanaf het moment waarop het ministerie gebruik is gaan maken van de dienstverlening van P-Direkt.
3. Van het opvragen dan wel de uitwisseling van gegevens als bedoeld in artikel 2, levert de ADR eenmaal per jaar op een nader overeen te komen moment een rapportage aan.
4. Van het opvragen dan wel de uitwisseling van aanvullende informatie op grond van artikel 2, tweede lid, onder f, stelt de ADR uiterlijk zeven dagen nadat de informatie is opgevraagd de daartoe aangewezen functionarissen binnen het ministerie op de hoogte door tussenkomst van de daartoe aangewezen functionaris binnen de ADR.
2. De uitoefening van de machtiging betreft alle in artikel 2bedoelde personeelsgerelateerde gegevens vanaf het moment waarop het ministerie gebruik is gaan maken van de dienstverlening van P-Direkt.
3. Van het opvragen dan wel de uitwisseling van gegevens als bedoeld in artikel 2, levert de ADR eenmaal per jaar op een nader overeen te komen moment een rapportage aan.
4. Van het opvragen dan wel de uitwisseling van aanvullende informatie op grond van artikel 2, tweede lid, onder f, stelt de ADR uiterlijk zeven dagen nadat de informatie is opgevraagd de daartoe aangewezen functionarissen binnen het ministerie op de hoogte door tussenkomst van de daartoe aangewezen functionaris binnen de ADR.