BWBR0037454
Geldig vanaf 2015-12-30
Artikel 5
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit directie Participatie en Decentrale Voorzieningen 2015
Het hoofd van de afdeling Participatie en Arbeidsmarktregio’s is verantwoordelijk voor:
a. de beleidsontwikkeling en monitoring van de regionale economie en arbeidsmarkt, in het bijzonder de coördinatie en implementatie van regionale thema’s die spelen in de arbeidsmarktregio’s;
b. de institutionele inrichting van de organisatievormen van gemeenten, de arbeidsmarktregio’s en de werkbedrijven;
c. de bevordering van de uitvoering van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, als ook de beleidsvorming op het terrein van de decentralisaties en de voorbereiding van onderraden over dit onderwerp;
d. de niet-financiële sturing richting gemeenten door middel van bijvoorbeeld management bij speech, dialoog, ondersteuning en kennisvergroting;
e. het onderhouden van de bestuurlijke relaties en netwerken die voortkomen uit de regionale taken van gemeenten;
f. de vormgeving en organisatie van SZW-dagen en wethoudersdagen, het onderhouden van contacten met de Programmaraad en de coördinatie van de totstandkoming van de verzamelbrieven van gemeenten;
g. de beleidsvorming op het terrein van cliëntparticipatie en de bestuurlijke relatie met de Landelijke Cliëntenraad.
a. de beleidsontwikkeling en monitoring van de regionale economie en arbeidsmarkt, in het bijzonder de coördinatie en implementatie van regionale thema’s die spelen in de arbeidsmarktregio’s;
b. de institutionele inrichting van de organisatievormen van gemeenten, de arbeidsmarktregio’s en de werkbedrijven;
c. de bevordering van de uitvoering van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, als ook de beleidsvorming op het terrein van de decentralisaties en de voorbereiding van onderraden over dit onderwerp;
d. de niet-financiële sturing richting gemeenten door middel van bijvoorbeeld management bij speech, dialoog, ondersteuning en kennisvergroting;
e. het onderhouden van de bestuurlijke relaties en netwerken die voortkomen uit de regionale taken van gemeenten;
f. de vormgeving en organisatie van SZW-dagen en wethoudersdagen, het onderhouden van contacten met de Programmaraad en de coördinatie van de totstandkoming van de verzamelbrieven van gemeenten;
g. de beleidsvorming op het terrein van cliëntparticipatie en de bestuurlijke relatie met de Landelijke Cliëntenraad.