BWBR0037410
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 1
Beleidsregel bestuursrechtelijke handhaving Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag 2016
1. Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, niet of onvoldoende nakomt, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
[tabel]
2. Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7a van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, niet of onvoldoende nakomt, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
[tabel]
3. Bij een overtreding van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>wordt voor het in het geheel niet uitbetaalde loon niet ook een boete opgelegd voor de overtreding van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7a van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>die daarmee samenloopt.
4. Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/15" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 15 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, niet of onvoldoende nakomt, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel, met dien verstande dat een bestuurlijke boete uitsluitend wordt opgelegd als de betaalde vakantiebijslag minder bedraagt dan 8% van het minimumloon, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>.
[tabel]
5. Indien een werkgever niet of niet tijdig de bescheiden verstrekt als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/18b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, wordt hem voor iedere werknemer die het betreft een bestuurlijke boete opgelegd van € 12.000.
De boete voor een overtreding van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/18b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>wordt gematigd, indien de werkgever kan aantonen dat sprake is geweest van een arbeidsduur die korter was dan zes maanden. In dat geval wordt de boetehoogte bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
[tabel]
6. De totale bij een boetebeschikking op te leggen bestuurlijke boete bestaat, ingeval er sprake is van meer werknemers ten aanzien van wie overtredingen zijn begaan, uit de som van het per werknemer vastgestelde boetebedrag.
7. Voor de werkgever als natuurlijk persoon wordt bij een overtreding van de wet als uitgangspunt voor de berekening van de op te leggen bestuurlijke boete gehanteerd: 0,6 maal het boetenormbedrag.
[tabel]
2. Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7a van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, niet of onvoldoende nakomt, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
[tabel]
3. Bij een overtreding van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>wordt voor het in het geheel niet uitbetaalde loon niet ook een boete opgelegd voor de overtreding van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7a van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>die daarmee samenloopt.
4. Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/15" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 15 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, niet of onvoldoende nakomt, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel, met dien verstande dat een bestuurlijke boete uitsluitend wordt opgelegd als de betaalde vakantiebijslag minder bedraagt dan 8% van het minimumloon, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>.
[tabel]
5. Indien een werkgever niet of niet tijdig de bescheiden verstrekt als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/18b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>, wordt hem voor iedere werknemer die het betreft een bestuurlijke boete opgelegd van € 12.000.
De boete voor een overtreding van <a href="/wet/BWBR0002638/artikel/18b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag</a>wordt gematigd, indien de werkgever kan aantonen dat sprake is geweest van een arbeidsduur die korter was dan zes maanden. In dat geval wordt de boetehoogte bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
[tabel]
6. De totale bij een boetebeschikking op te leggen bestuurlijke boete bestaat, ingeval er sprake is van meer werknemers ten aanzien van wie overtredingen zijn begaan, uit de som van het per werknemer vastgestelde boetebedrag.
7. Voor de werkgever als natuurlijk persoon wordt bij een overtreding van de wet als uitgangspunt voor de berekening van de op te leggen bestuurlijke boete gehanteerd: 0,6 maal het boetenormbedrag.