BWBR0037142
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 5
Subsidieregeling indemniteit bruiklenen 2016
1. De aanvraag voor een indemniteitsverklaring wordt ingediend op uiterlijk 31 augustus 2030.
2. Bij de aanvraag wordt gebruik gemaakt van een door de minister vastgesteld aanvraagformulier.
3. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. een verzekeringsofferte;
b. voor zover de aanvraag verschillende voorwerpen betreft, een lijst van in bruikleen te ontvangen voorwerpen en per voorwerp de verzekerde waarde; en
c. voor zover de aanvraag een tentoonstelling betreft, een tentoonstellingsplan.
4. De verzekeringsofferte bevat in ieder geval de verzekeringspremie zonder korting en een opgave van de korting die wordt gegeven bij een indemniteitspercentage van ten hoogste 30 procent, waarbij de gevraagde subsidie ten hoogste € 70 miljoen bedraagt.
5. Bij de aanvraag verklaart een instelling te voldoen aan de eisen over de veiligheid van de voorwerpen en de beveiliging van de instelling, bedoeld in artikel 8. Op verzoek van de minister overlegt de instelling de documenten, bedoeld in artikel 8, en worden de veiligheidsmaatregelen ter plekke getoond.
6. De aanvraag heeft betrekking op een periode die aanvangt voor de vervaldatum van deze regeling, bedoeld in artikel 14.
2. Bij de aanvraag wordt gebruik gemaakt van een door de minister vastgesteld aanvraagformulier.
3. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. een verzekeringsofferte;
b. voor zover de aanvraag verschillende voorwerpen betreft, een lijst van in bruikleen te ontvangen voorwerpen en per voorwerp de verzekerde waarde; en
c. voor zover de aanvraag een tentoonstelling betreft, een tentoonstellingsplan.
4. De verzekeringsofferte bevat in ieder geval de verzekeringspremie zonder korting en een opgave van de korting die wordt gegeven bij een indemniteitspercentage van ten hoogste 30 procent, waarbij de gevraagde subsidie ten hoogste € 70 miljoen bedraagt.
5. Bij de aanvraag verklaart een instelling te voldoen aan de eisen over de veiligheid van de voorwerpen en de beveiliging van de instelling, bedoeld in artikel 8. Op verzoek van de minister overlegt de instelling de documenten, bedoeld in artikel 8, en worden de veiligheidsmaatregelen ter plekke getoond.
6. De aanvraag heeft betrekking op een periode die aanvangt voor de vervaldatum van deze regeling, bedoeld in artikel 14.