BWBR0037124
Geldig vanaf 2015-11-01
Artikel 3
Regeling voorzieningen GDI
1. DigiD kan alleen door de rechthebbende zelf, als beoogde gebruiker, worden aangevraagd. Een aanvraag wordt op een van de volgende manieren ingediend:
a. Een aanvraag voor DigiD op een laag betrouwbaarheidsniveau geschiedt via www.digid.nl of, indien het tweede lid onder c, van toepassing is, via www.svb.nl.
b. Een aanvraag voor DigiD op een versterkt betrouwbaarheidsniveau geschiedt via www.digid.nl, via de DigiD app of, indien het tweede lid onder c, van toepassing is, via www.svb.nl. De beoogde gebruiker gebruikt daarbij een apparaat dat digitaal met een document als bedoeld in het derde lid kan communiceren.
c. Een aanvraag voor DigiD verband houdend met een Nederlandse identiteitskaart of een Nederlands rijbewijs waarop een elektronisch authenticatiemiddel is geplaatst, geschiedt volgens het aanvraagproces voor het desbetreffende document.
2. DigiD op betrouwbaarheidsniveau laag als bedoeld in artikel 8 van de Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van de Richtlijn 1999/93/EG(Pb EU 2014, L 257/73) wordt slechts verstrekt aan een beoogde gebruiker die:
a. als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen en uit dien hoofde een burgerservicenummer heeft;
b. als niet-ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen, een burgerservicenummer heeft en bovendien de nationaliteit van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte heeft; of
c. als niet-ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen, een burgerservicenummer heeft, een AOW-pensioen ontvangt en klant is van de Sociale Verzekeringsbank.
3. DigiD op een versterkt betrouwbaarheidsniveau wordt slechts verstrekt aan een beoogde gebruiker die houder is van een geldig Nederlands paspoort, Nederlandse identiteitskaart, Nederlands rijbewijs of ander Nederlands document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de identificatieplicht, waarmee digitaal gecommuniceerd kan worden.
4. DigiD verband houdend met een Nederlandse identiteitskaart of een Nederlands rijbewijs waarop een elektronisch authenticatiemiddel is geplaatst, wordt slechts verstrekt aan de rechthebbende op het desbetreffende document.
5. De Minister verstrekt DigiD na verificatie van de verstrekte gegevens door de aanvrager.
6. De gebruiker kan met de verstrekte DigiD toegang verkrijgen tot een dienst van een afnemer zodra hij DigiD op het desbetreffende betrouwbaarheidsniveau heeft geactiveerd.
7. DigiD is strikt persoonlijk en niet overdraagbaar.
8. DigiD wordt alleen gebruikt voor het doel waarvoor het is bestemd.
9. DigiD
a. op een laag of versterkt betrouwbaarheidsniveau vervalt drie jaar nadat deze voor het laatst is gebruikt.
b. verband houdend met een Nederlandse identiteitskaart of een Nederlands rijbewijs waarop een elektronisch authenticatiemiddel is geplaatst, vervalt wanneer het desbetreffende document zijn geldigheid verliest.
10. De gebruiker kan de Minister verzoeken om zijn DigiD te laten blokkeren of op te heffen.
a. Een aanvraag voor DigiD op een laag betrouwbaarheidsniveau geschiedt via www.digid.nl of, indien het tweede lid onder c, van toepassing is, via www.svb.nl.
b. Een aanvraag voor DigiD op een versterkt betrouwbaarheidsniveau geschiedt via www.digid.nl, via de DigiD app of, indien het tweede lid onder c, van toepassing is, via www.svb.nl. De beoogde gebruiker gebruikt daarbij een apparaat dat digitaal met een document als bedoeld in het derde lid kan communiceren.
c. Een aanvraag voor DigiD verband houdend met een Nederlandse identiteitskaart of een Nederlands rijbewijs waarop een elektronisch authenticatiemiddel is geplaatst, geschiedt volgens het aanvraagproces voor het desbetreffende document.
2. DigiD op betrouwbaarheidsniveau laag als bedoeld in artikel 8 van de Verordening (EU) nr. 910/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties in de interne markt en tot intrekking van de Richtlijn 1999/93/EG(Pb EU 2014, L 257/73) wordt slechts verstrekt aan een beoogde gebruiker die:
a. als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen en uit dien hoofde een burgerservicenummer heeft;
b. als niet-ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen, een burgerservicenummer heeft en bovendien de nationaliteit van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte heeft; of
c. als niet-ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen, een burgerservicenummer heeft, een AOW-pensioen ontvangt en klant is van de Sociale Verzekeringsbank.
3. DigiD op een versterkt betrouwbaarheidsniveau wordt slechts verstrekt aan een beoogde gebruiker die houder is van een geldig Nederlands paspoort, Nederlandse identiteitskaart, Nederlands rijbewijs of ander Nederlands document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de identificatieplicht, waarmee digitaal gecommuniceerd kan worden.
4. DigiD verband houdend met een Nederlandse identiteitskaart of een Nederlands rijbewijs waarop een elektronisch authenticatiemiddel is geplaatst, wordt slechts verstrekt aan de rechthebbende op het desbetreffende document.
5. De Minister verstrekt DigiD na verificatie van de verstrekte gegevens door de aanvrager.
6. De gebruiker kan met de verstrekte DigiD toegang verkrijgen tot een dienst van een afnemer zodra hij DigiD op het desbetreffende betrouwbaarheidsniveau heeft geactiveerd.
7. DigiD is strikt persoonlijk en niet overdraagbaar.
8. DigiD wordt alleen gebruikt voor het doel waarvoor het is bestemd.
9. DigiD
a. op een laag of versterkt betrouwbaarheidsniveau vervalt drie jaar nadat deze voor het laatst is gebruikt.
b. verband houdend met een Nederlandse identiteitskaart of een Nederlands rijbewijs waarop een elektronisch authenticatiemiddel is geplaatst, vervalt wanneer het desbetreffende document zijn geldigheid verliest.
10. De gebruiker kan de Minister verzoeken om zijn DigiD te laten blokkeren of op te heffen.