BWBR0036827
Geldig vanaf 2015-07-15
Artikel 9
Onderlinge regeling samenwerking implementatie Internationale Gezondheidsregeling Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten
1. Elk van de landen is zelf verantwoordelijk en aanspreekbaar voor zijn handelingen of voor handelingen van zijn ondergeschikten ingeval van incidenten. De landen verklaren over en weer vrijwaring te verlenen voor iedere aanspraak van derden, ter zake van door ondergeschikten of andere aan de landen gerelateerd personen veroorzaakte schade. Elk land draagt zorg voor voldoende verzekering van hun ondergeschikten bij het uitoefenen van gemeenschappelijke taken van het Netwerk-IGR.
2. De landen komen overeen om eens in de vier jaar, of indien nodig vaker, een evaluatie te doen plaatsvinden van de samenwerking zoals genoemd in deze onderlinge regeling.
3. Deze onderlinge regeling loopt voor onbepaalde tijd, met dien verstande dat partijen afzonderlijk ten alle tijden kunnen opzeggen.
4. In geval van geschillen voortvloeiende uit deze onderlinge regeling zullen partijen met elkaar in overleg treden en de geschillen minnelijk of via mediatie oplossen. Indien dit niet tot een bevredigend resultaat leidt zal een ad-hoc commissie worden samengesteld met het doel om een oplossing te bereiken, bestaande uit drie leden: één lid benoemd door de commissie van advies en bijstand, één lid benoemd door de vier ministers gezamenlijk en een derde lid benoemd door de twee voornoemde leden tezamen.
2. De landen komen overeen om eens in de vier jaar, of indien nodig vaker, een evaluatie te doen plaatsvinden van de samenwerking zoals genoemd in deze onderlinge regeling.
3. Deze onderlinge regeling loopt voor onbepaalde tijd, met dien verstande dat partijen afzonderlijk ten alle tijden kunnen opzeggen.
4. In geval van geschillen voortvloeiende uit deze onderlinge regeling zullen partijen met elkaar in overleg treden en de geschillen minnelijk of via mediatie oplossen. Indien dit niet tot een bevredigend resultaat leidt zal een ad-hoc commissie worden samengesteld met het doel om een oplossing te bereiken, bestaande uit drie leden: één lid benoemd door de commissie van advies en bijstand, één lid benoemd door de vier ministers gezamenlijk en een derde lid benoemd door de twee voornoemde leden tezamen.