BWBR0036824
Geldig vanaf 2015-07-14
Artikel 5
Beleidsregel erkenning tot het Nederlands cultureel erfgoed behorende monumenten gelegen buiten Nederland
1. Voor het doen van een aanvraag kan de minister een aanvraagformulier vaststellen.
2. Een aanvraag voor erkenning gaat in ieder geval vergezeld van:
a. een bewijs van eigendom van het monument;
b. de plaatselijke aanduiding van het monument, met vermelding van land, gemeente, plaats, postcode, straat en huisnummer;
c. de kadastrale aanduiding;
d. een duidelijke weergave van de omvang van het monument aan de hand van een kadastrale kaart met de betrokken percelen;
e. voor zover van toepassing de beschermde status van het monument in de staat waarin het is gelegen en de officiële omschrijving en waardering van het monument;
f. een beschrijving van: 1° het exterieur en het interieur, met inbegrip van de constructies en materialen;
2° de geschiedenis van het monument, met inbegrip van de ouderdom, de architect, de bouwgeschiedenis, de bewoningsgeschiedenis, historisch kaartmateriaal en historisch beeldmateriaal; en
3° de huidige functie of functies;
1° het exterieur en het interieur, met inbegrip van de constructies en materialen;
2° de geschiedenis van het monument, met inbegrip van de ouderdom, de architect, de bouwgeschiedenis, de bewoningsgeschiedenis, historisch kaartmateriaal en historisch beeldmateriaal; en
3° de huidige functie of functies;
g. recente kleurenfoto’s van exterieur en interieur, die een duidelijk overzicht geven van het monument en inzicht geven in de waardevolle details;
h. een onderbouwing waarmee wordt aangetoond dat voldaan wordt aan de criteria in artikel 4, met kopieën van de daarvoor gebruikte literatuur en documenten.
3. De aanvrager verstrekt de minister op diens verzoek een door een beëdigde vertaler gemaakte vertaling van de ingediende documenten.
2. Een aanvraag voor erkenning gaat in ieder geval vergezeld van:
a. een bewijs van eigendom van het monument;
b. de plaatselijke aanduiding van het monument, met vermelding van land, gemeente, plaats, postcode, straat en huisnummer;
c. de kadastrale aanduiding;
d. een duidelijke weergave van de omvang van het monument aan de hand van een kadastrale kaart met de betrokken percelen;
e. voor zover van toepassing de beschermde status van het monument in de staat waarin het is gelegen en de officiële omschrijving en waardering van het monument;
f. een beschrijving van: 1° het exterieur en het interieur, met inbegrip van de constructies en materialen;
2° de geschiedenis van het monument, met inbegrip van de ouderdom, de architect, de bouwgeschiedenis, de bewoningsgeschiedenis, historisch kaartmateriaal en historisch beeldmateriaal; en
3° de huidige functie of functies;
1° het exterieur en het interieur, met inbegrip van de constructies en materialen;
2° de geschiedenis van het monument, met inbegrip van de ouderdom, de architect, de bouwgeschiedenis, de bewoningsgeschiedenis, historisch kaartmateriaal en historisch beeldmateriaal; en
3° de huidige functie of functies;
g. recente kleurenfoto’s van exterieur en interieur, die een duidelijk overzicht geven van het monument en inzicht geven in de waardevolle details;
h. een onderbouwing waarmee wordt aangetoond dat voldaan wordt aan de criteria in artikel 4, met kopieën van de daarvoor gebruikte literatuur en documenten.
3. De aanvrager verstrekt de minister op diens verzoek een door een beëdigde vertaler gemaakte vertaling van de ingediende documenten.