BWBR0036752
Geldig vanaf 2015-07-01
Artikel 11
Wet windenergie op zee
1. Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat en Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, kan een kavelbesluit wijzigen of geheel of gedeeltelijk intrekken indien:
a. gedurende drie achtereenvolgende jaren na het onherroepelijk worden van een kavelbesluit geen vergunning voor de kavel wordt verleend;
b. zich omstandigheden of feiten voordoen waardoor de handeling of handelingen waarvoor het kavelbesluit is genomen niet langer toelaatbaar worden geacht met het oog op de in artikel 3 bedoelde doelstellingen en belangen;
c. een voor Nederland verbindend verdrag of besluit van een volkenrechtelijke organisatie dan wel een wettelijk voorschrift ter uitvoering daarvan daartoe verplicht;
d. nog geen vergunning voor de kavel is aangevraagd en de wijziging van ondergeschikte aard is;
e. het tijdvak, bedoeld in artikel 15, eerste lid, wordt verlengd.
2. De artikelen 3, derde en vierde lid4, eerste lid, 5en 7zijn van overeenkomstige toepassing op een wijziging van een kavelbesluit.
3. Tot intrekking van een kavelbesluit wordt niet overgegaan voor zover kan worden volstaan met wijziging of aanvulling van de aan het kavelbesluit verbonden regels en voorschriften.
a. gedurende drie achtereenvolgende jaren na het onherroepelijk worden van een kavelbesluit geen vergunning voor de kavel wordt verleend;
b. zich omstandigheden of feiten voordoen waardoor de handeling of handelingen waarvoor het kavelbesluit is genomen niet langer toelaatbaar worden geacht met het oog op de in artikel 3 bedoelde doelstellingen en belangen;
c. een voor Nederland verbindend verdrag of besluit van een volkenrechtelijke organisatie dan wel een wettelijk voorschrift ter uitvoering daarvan daartoe verplicht;
d. nog geen vergunning voor de kavel is aangevraagd en de wijziging van ondergeschikte aard is;
e. het tijdvak, bedoeld in artikel 15, eerste lid, wordt verlengd.
2. De artikelen 3, derde en vierde lid4, eerste lid, 5en 7zijn van overeenkomstige toepassing op een wijziging van een kavelbesluit.
3. Tot intrekking van een kavelbesluit wordt niet overgegaan voor zover kan worden volstaan met wijziging of aanvulling van de aan het kavelbesluit verbonden regels en voorschriften.