BWBR0036723
Geldig vanaf 2017-03-18
Artikel 4
Regeling toezicht arrestantenzorg politie
1. Een lid van de commissie wordt tussentijds ontslagen:
a) op eigen verzoek;
b) bij de aanvaarding van een ambt dat of een betrekking die onverenigbaar is met het lidmaatschap van een commissie;
c) wanneer hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel hem bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;
d) wanneer hij naar het oordeel van de minister door handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het in hem te stellen vertrouwen.
2. Hangende de procedure voor ontslag kan het lid in de uitoefening van zijn functie worden geschorst.
a) op eigen verzoek;
b) bij de aanvaarding van een ambt dat of een betrekking die onverenigbaar is met het lidmaatschap van een commissie;
c) wanneer hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel hem bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;
d) wanneer hij naar het oordeel van de minister door handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het in hem te stellen vertrouwen.
2. Hangende de procedure voor ontslag kan het lid in de uitoefening van zijn functie worden geschorst.