BWBR0036622
Geldig vanaf 2020-03-13
Artikel 3
Mandaatbesluit beheer en bevoegdheden directeur bedrijfsvoering Hoge Raad 2015
1. Aan de directeur bedrijfsvoering van de Hoge Raad wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend ten aanzien van de beheeraangelegenheden van de Hoge Raad, met uitzondering van de bevoegdheid beslissingen te nemen ten aanzien van financiële vergoedingen voor zover deze betrekking hebben op immateriële schade, dan wel financiële vergoedingen voor materiële schade die gecumuleerd € 10.000 overstijgen.
2. Besluiten ten aanzien van het aangaan van een arbeidsovereenkomst, de bevordering en het ontslag alsmede ten aanzien van disciplinaire maatregelen van functionarissen, niet zijnde rechterlijke ambtenaren op managementfuncties in schaal 14 en hoger, worden niet genomen dan nadat het Centraal Loopbaanberaad van het Ministerie van Justitie en Veiligheid daarmee heeft ingestemd.
2. Besluiten ten aanzien van het aangaan van een arbeidsovereenkomst, de bevordering en het ontslag alsmede ten aanzien van disciplinaire maatregelen van functionarissen, niet zijnde rechterlijke ambtenaren op managementfuncties in schaal 14 en hoger, worden niet genomen dan nadat het Centraal Loopbaanberaad van het Ministerie van Justitie en Veiligheid daarmee heeft ingestemd.