Bij een melding als bedoeld in
artikel 5.25, eerste lid, onderdeel b, van de wet, verstrekt de vergunninghouder de volgende gegevens:
a. zijn naam en adres;
b. de vergunning of vergunningen krachtens welke de inrichting opgericht dan wel in werking is;
c. de beoogde verandering van de inrichting of van de werking daarvan;
d. gegevens waaruit blijkt van welke onderdelen en in welke mate van de vergunning of vergunningen als bedoeld in onderdeel b en de daaraan verbonden beperkingen en voorschriften wordt afgeweken;
e. een situatieschets waarop de beoogde verandering is weergegeven;
f. gegevens waaruit blijkt dat de beoogde verandering van de inrichting of van de werking daarvan niet leidt tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu dan die de inrichting ingevolge de vergunning en de daaraan verbonden beperkingen en voorschriften mag veroorzaken, en
g. het tijdstip waarop beoogd wordt de voorgenomen verandering te verwezenlijken.