Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. algemeen directeur: de algemeen directeur Integrale Bedrijfsvoering IenM, genoemd in artikel 13, eerste lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012;
b. directeur: een directeur als bedoeld in artikel 13, derde lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012;
c. afdelingshoofd: een afdelingshoofd als bedoeld in artikel 13, derde lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012;
d. teamleider: een functionaris die is belast met de taak van teamleider;
e. aan de algemeen directeur verleende bevoegdheden: de door de minister aan de algemeen directeur verleende bevoegdheden, bedoeld in artikel 23, eerste lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012; en
f. taken: de taken, bedoeld in artikel 13, achtste lid, en artikel 28, eerste lid, onder c, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012.
a. algemeen directeur: de algemeen directeur Integrale Bedrijfsvoering IenM, genoemd in artikel 13, eerste lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012;
b. directeur: een directeur als bedoeld in artikel 13, derde lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012;
c. afdelingshoofd: een afdelingshoofd als bedoeld in artikel 13, derde lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012;
d. teamleider: een functionaris die is belast met de taak van teamleider;
e. aan de algemeen directeur verleende bevoegdheden: de door de minister aan de algemeen directeur verleende bevoegdheden, bedoeld in artikel 23, eerste lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012; en
f. taken: de taken, bedoeld in artikel 13, achtste lid, en artikel 28, eerste lid, onder c, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012.