BWBR0036366
Geldig vanaf 2015-03-03
Artikel 2
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Besluit en Regeling genetisch gemodificeerde organismen milieubeheer 2013
1. De directeur-generaal van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu wordt ten aanzien van het ingeperkt gebruik mandaat verleend tot:
a. het nemen van alle tot de bevoegdheid van de Minister van Infrastructuur en Milieu behorende besluiten ter uitvoering van titel 2.2 en 2.3 van het Besluit en hoofdstuk 2 van de Regeling;
b. het nemen van besluiten omtrent intrekking van een vergunning, bedoeld in artikel 9.2.2.3, zesde lid, van de Wet milieubeheer;
2. Van het mandaat, bedoeld in het eerste lid, zijn uitgezonderd:
a. het vaststellen van beleidsregels; en
b. het nemen van besluiten met betrekking tot ingeperkt gebruik op inperkingsniveau IV als bedoeld in artikel 1.5 van het Besluit.
a. het nemen van alle tot de bevoegdheid van de Minister van Infrastructuur en Milieu behorende besluiten ter uitvoering van titel 2.2 en 2.3 van het Besluit en hoofdstuk 2 van de Regeling;
b. het nemen van besluiten omtrent intrekking van een vergunning, bedoeld in artikel 9.2.2.3, zesde lid, van de Wet milieubeheer;
2. Van het mandaat, bedoeld in het eerste lid, zijn uitgezonderd:
a. het vaststellen van beleidsregels; en
b. het nemen van besluiten met betrekking tot ingeperkt gebruik op inperkingsniveau IV als bedoeld in artikel 1.5 van het Besluit.