BWBR0036075
Geldig vanaf 2023-12-28
Artikel 3
Regeling kostenverevening reductie CO2-emissies glastuinbouw
1. Degene die een activiteit regime A verricht dient over het voorafgaande kalenderjaar bij de minister een emissieaangifte in.
2. Degene die een activiteit regime B verricht dient eenmalig op het moment dat de activiteit een kalenderjaar in werking is een emissieaangifte in over dat kalenderjaar.
3. Degene die een activiteit verricht, bepaalt de CO 2-jaarvracht over 2022 en volgende jaren overeenkomstig de in de bijlageopgenomen berekeningsmethode.
4. Bij niet tijdige indiening van de emissieaangifte stelt de minister de CO 2-jaarvracht ambtshalve vast.
5. Degene die een activiteit verricht bewaart gedurende tenminste vijf jaren na indiening de gegevens en uitgevoerde berekeningen die ten grondslag liggen aan de CO 2-jaarvracht en de facturen en andere schriftelijke afleveringsbewijzen van gas, elektriciteit en warmte.
2. Degene die een activiteit regime B verricht dient eenmalig op het moment dat de activiteit een kalenderjaar in werking is een emissieaangifte in over dat kalenderjaar.
3. Degene die een activiteit verricht, bepaalt de CO 2-jaarvracht over 2022 en volgende jaren overeenkomstig de in de bijlageopgenomen berekeningsmethode.
4. Bij niet tijdige indiening van de emissieaangifte stelt de minister de CO 2-jaarvracht ambtshalve vast.
5. Degene die een activiteit verricht bewaart gedurende tenminste vijf jaren na indiening de gegevens en uitgevoerde berekeningen die ten grondslag liggen aan de CO 2-jaarvracht en de facturen en andere schriftelijke afleveringsbewijzen van gas, elektriciteit en warmte.