BWBR0036017
Geldig vanaf 2015-01-01
Artikel 1.4
Subsidieregeling overgang kapitaallasten 2015–2017
1. De kapitaallasten die ten hoogste voor subsidie in aanmerking komen worden bepaald door overeenkomstige toepassing van de beleidsregels ‘Kapitaallasten bestaande zorgaanbieders’ en ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’ zoals die gelden voor het jaar waarvoor de subsidie wordt verstrekt, met dien verstande dat de subsidie uitsluitend verstrekt wordt voor de kapitaallasten die toegerekend worden aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015en de Jeugdwetwaartoe:
a. aan de hand van paragraaf 5 van de beleidsregel ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’ wordt berekend welk percentage van de kapitaallasten na de overhevelingen vanuit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt toegerekend aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet;
b. de kapitaallasten, bestaande aan het budget kapitaallasten en het budget inventaris, worden berekend aan de hand van de artikelen 3.7 en 3.8 van de beleidsregel ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’ in samenhang met de beleidsregel ‘Kapitaallasten bestaande zorgaanbieders’;
c. de aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet toe te rekenen kapitaallasten, bestaande aan het budget kapitaallasten en het budget inventaris, worden berekend door de kapitaallasten, bedoeld in onderdeel b, te vermenigvuldigen met het percentage, bedoeld in onderdeel a;
d. het bedrag van de kapitaallasten die ten hoogste voor subsidie in aanmerking komen wordt berekend door de aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet toe te rekenen kapitaallasten, bedoeld in onderdeel c, te vermenigvuldigen met de bij het jaar waarvoor de subsidie wordt verstrekt horende percentages voor het budget kapitaallasten en het budget inventaris die zijn vermeld in de tabellen 1 en 2 van artikel 4.1 van de beleidsregel ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’.
2. In afwijking van het eerste lid, onderdelen a tot en met d, wordt met betrekking tot kleinschalige woonvoorzieningen als bedoeld in artikel 4.12 van de beleidsregel ‘Kapitaallasten bestaande zorgaanbieders’:
a. het aantal bezette plaatsen die zijn overgeheveld vanuit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekomsten naar de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet bepaald;
b. de normatieve vergoeding voor kapitaallasten, voor de bezette plaatsen, bedoeld in onderdeel a, bepaald aan de hand van de beleidsregel ‘Kapitaallasten bestaande zorgaanbieders’;
c. de aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet toe te rekenen kapitaallasten berekend door het aantal bezette plaatsen, bedoeld in onderdeel a, te vermenigvuldigen met de normatieve vergoeding, bedoeld in onderdeel b;
d. het bedrag van de kapitaallasten die ten hoogste voor subsidie in aanmerking komen berekend door de aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet toe te rekenen kapitaallasten, bedoeld in onderdeel c, te vermenigvuldigen met het bij het jaar waarvoor de subsidie wordt verstrekt horende percentage voor het budget kapitaallasten dat is vermeld in tabel 1 van artikel 4.1 van de beleidsregel ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’.
a. aan de hand van paragraaf 5 van de beleidsregel ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’ wordt berekend welk percentage van de kapitaallasten na de overhevelingen vanuit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten wordt toegerekend aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet;
b. de kapitaallasten, bestaande aan het budget kapitaallasten en het budget inventaris, worden berekend aan de hand van de artikelen 3.7 en 3.8 van de beleidsregel ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’ in samenhang met de beleidsregel ‘Kapitaallasten bestaande zorgaanbieders’;
c. de aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet toe te rekenen kapitaallasten, bestaande aan het budget kapitaallasten en het budget inventaris, worden berekend door de kapitaallasten, bedoeld in onderdeel b, te vermenigvuldigen met het percentage, bedoeld in onderdeel a;
d. het bedrag van de kapitaallasten die ten hoogste voor subsidie in aanmerking komen wordt berekend door de aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet toe te rekenen kapitaallasten, bedoeld in onderdeel c, te vermenigvuldigen met de bij het jaar waarvoor de subsidie wordt verstrekt horende percentages voor het budget kapitaallasten en het budget inventaris die zijn vermeld in de tabellen 1 en 2 van artikel 4.1 van de beleidsregel ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’.
2. In afwijking van het eerste lid, onderdelen a tot en met d, wordt met betrekking tot kleinschalige woonvoorzieningen als bedoeld in artikel 4.12 van de beleidsregel ‘Kapitaallasten bestaande zorgaanbieders’:
a. het aantal bezette plaatsen die zijn overgeheveld vanuit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekomsten naar de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet bepaald;
b. de normatieve vergoeding voor kapitaallasten, voor de bezette plaatsen, bedoeld in onderdeel a, bepaald aan de hand van de beleidsregel ‘Kapitaallasten bestaande zorgaanbieders’;
c. de aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet toe te rekenen kapitaallasten berekend door het aantal bezette plaatsen, bedoeld in onderdeel a, te vermenigvuldigen met de normatieve vergoeding, bedoeld in onderdeel b;
d. het bedrag van de kapitaallasten die ten hoogste voor subsidie in aanmerking komen berekend door de aan de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet toe te rekenen kapitaallasten, bedoeld in onderdeel c, te vermenigvuldigen met het bij het jaar waarvoor de subsidie wordt verstrekt horende percentage voor het budget kapitaallasten dat is vermeld in tabel 1 van artikel 4.1 van de beleidsregel ‘Invoering normatieve huisvestingscomponent (NHC) en normatieve inventariscomponent (NIC) bestaande zorgaanbieders’.