BWBR0035948
Geldig vanaf 2015-01-01
Artikel 3.1.2
Besluit langdurige zorg
1. Het individuele gebruik van mobiliteitshulpmiddelen, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel e, van de wet, omvat het gebruik van bij ministeriële regeling aangewezen hulpmiddelen voor het zich verplaatsen of laten verplaatsen:
a. in en rondom de instelling of woning ten behoeve van het behoud of het verbeteren van de zelfredzaamheid, en
b. in de lokale omgeving ten behoeve van het aangaan of onderhouden van sociale contacten.
2. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent het gebruik van hulpmiddelen, met inbegrip van regels omtrent het vereist zijn en het verkrijgen van voorafgaande toestemming van de Wlz-uitvoerder.
a. in en rondom de instelling of woning ten behoeve van het behoud of het verbeteren van de zelfredzaamheid, en
b. in de lokale omgeving ten behoeve van het aangaan of onderhouden van sociale contacten.
2. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent het gebruik van hulpmiddelen, met inbegrip van regels omtrent het vereist zijn en het verkrijgen van voorafgaande toestemming van de Wlz-uitvoerder.