BWBR0035875
Geldig vanaf 2014-12-18
Artikel II
Wijzigingswet Wet op de dierproeven, enz. (implementatie richtlijn 2010/63/EU)
1. Een dierproef waarover voor de inwerkingtreding van deze wet op grond van <a href="/wet/BWBR0003081/artikel/10a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 10a van de Wet op de dierproeven</a>een positief advies is uitgebracht door een dierexperimentencommissie of een positief oordeel is gegeven door de centrale commissie dierproeven, kan worden verricht tot 1 januari 2018.
2. Een dierproef waarover voor de inwerkingtreding van deze wet op grond van <a href="/wet/BWBR0003081/artikel/10a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 10a van de Wet op de dierproeven</a>een positief advies is uitgebracht door een dierexperimentencommissie of een positief oordeel is gegeven door de centrale commissie dierproeven en die eerst na 1 januari 2018 wordt afgerond, wordt na de laatst genoemde datum slechts voortgezet indien de centrale commissie dierproeven voor 1 januari 2018 een projectvergunning heeft verleend voor het project waar deze dierproef onderdeel van uitmaakt.
2. Een dierproef waarover voor de inwerkingtreding van deze wet op grond van <a href="/wet/BWBR0003081/artikel/10a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 10a van de Wet op de dierproeven</a>een positief advies is uitgebracht door een dierexperimentencommissie of een positief oordeel is gegeven door de centrale commissie dierproeven en die eerst na 1 januari 2018 wordt afgerond, wordt na de laatst genoemde datum slechts voortgezet indien de centrale commissie dierproeven voor 1 januari 2018 een projectvergunning heeft verleend voor het project waar deze dierproef onderdeel van uitmaakt.