BWBR0035873
Geldig vanaf 2020-12-01
Artikel 2
Dierproevenregeling 2014
1. Een aanvraag om een instellingsvergunning wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier in bijlage 1bij deze regeling.
2. Vervallen.
3. Na verlening van de instellingsvergunning meldt de vergunninghouder aan de Minister onverwijld:
a. iedere wijziging van de personen bedoeld in artikel 6, derde lid, van de wet;
b. elke significante wijziging van de structuur of de werking van een inrichting van de vergunninghouder, die het dierenwelzijn negatief kan beïnvloeden.
2. Vervallen.
3. Na verlening van de instellingsvergunning meldt de vergunninghouder aan de Minister onverwijld:
a. iedere wijziging van de personen bedoeld in artikel 6, derde lid, van de wet;
b. elke significante wijziging van de structuur of de werking van een inrichting van de vergunninghouder, die het dierenwelzijn negatief kan beïnvloeden.