BWBR0035601
Geldig vanaf 2015-04-01
Artikel 38
Beleidsregels EV-beoordeling tracébesluiten
1. Het groepsrisico wordt met toepassing van RBM-II berekend, indien het groepsrisico:
a. is gelegen tussen 0,1 maal de oriëntatiewaarde en 1 maal de oriëntatiewaarde en ten opzichte van de situatie voorafgaand aan het tracébesluit met meer dan tien procent toeneemt, of
b. hoger is dan 1 maal de oriëntatiewaarde én ten opzichte van de situatie voorafgaand aan het tracébesluit toeneemt.
2. Bij toepassing van het eerste lid wordt gebruik gemaakt van:
a. de HART;
b. de vervoerscijfers zoals die zijn opgenomen in bijlage III bij de regeling, en
c. de huidige bevolkingsdichtheden en de overeenkomstig de ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerp-tracébesluit vigerende bestemmingsplannen en ter inzage gelegde ontwerp-bestemmingsplannen redelijkerwijs te verwachten bevolkingsdichtheden.
a. is gelegen tussen 0,1 maal de oriëntatiewaarde en 1 maal de oriëntatiewaarde en ten opzichte van de situatie voorafgaand aan het tracébesluit met meer dan tien procent toeneemt, of
b. hoger is dan 1 maal de oriëntatiewaarde én ten opzichte van de situatie voorafgaand aan het tracébesluit toeneemt.
2. Bij toepassing van het eerste lid wordt gebruik gemaakt van:
a. de HART;
b. de vervoerscijfers zoals die zijn opgenomen in bijlage III bij de regeling, en
c. de huidige bevolkingsdichtheden en de overeenkomstig de ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerp-tracébesluit vigerende bestemmingsplannen en ter inzage gelegde ontwerp-bestemmingsplannen redelijkerwijs te verwachten bevolkingsdichtheden.