BWBR0035577
Geldig vanaf 2014-09-25
Artikel 3
Vrijstellingsregeling afwijkend gebruik frequentieruimte EODD
1. Een afwijkend gebruik van de frequentieruimte wordt, voor zover dat mogelijk is, vooraf gemeld aan de minister.
2. De melding, bedoeld in het eerste lid, omvat ten minste de volgende gegevens:
a. de naam van degene die een besluit tot afwijkend gebruik van de frequentieruimte heeft genomen, de datum en het tijdstip waarop het besluit is genomen;
b. de periode waarbinnen een afwijkend gebruik van de frequentieruimte plaatsvindt;
c. in welke vorm en op welke wijze afwijkend gebruik van de frequentieruimte plaatsvindt;
d. een zo nauwkeurig mogelijke aanduiding van de geografische locaties waar de apparatuur met behulp waarvan een afwijkend gebruik van de frequentieruimte kan plaatsvinden, wordt ingezet;
e. het vermogen van de apparatuur waarmee een afwijkend gebruik van frequentieruimte plaatsvindt, en
f. de frequentieband waarbinnen het afwijkend gebruik van de frequentieruimte plaatsvindt.
2. De melding, bedoeld in het eerste lid, omvat ten minste de volgende gegevens:
a. de naam van degene die een besluit tot afwijkend gebruik van de frequentieruimte heeft genomen, de datum en het tijdstip waarop het besluit is genomen;
b. de periode waarbinnen een afwijkend gebruik van de frequentieruimte plaatsvindt;
c. in welke vorm en op welke wijze afwijkend gebruik van de frequentieruimte plaatsvindt;
d. een zo nauwkeurig mogelijke aanduiding van de geografische locaties waar de apparatuur met behulp waarvan een afwijkend gebruik van de frequentieruimte kan plaatsvinden, wordt ingezet;
e. het vermogen van de apparatuur waarmee een afwijkend gebruik van frequentieruimte plaatsvindt, en
f. de frequentieband waarbinnen het afwijkend gebruik van de frequentieruimte plaatsvindt.