BWBR0035504
Geldig vanaf 2014-09-01
Artikel 2
Tijdelijke vrijstellingsregeling uitrijden dierlijke meststoffen 2014
1. Van het in artikel 4, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffengestelde verbod wordt in de periode van 1 tot en met 15 september 2014 vrijstelling verleend voor het gebruik van vaste mest op grasland en bouwland.
2. Van het in artikel 4, derde lid, van het Besluit gebruik meststoffengestelde verbod wordt in de periode van 1 tot en met 15 september 2014 vrijstelling verleend voor het gebruik van drijfmest op:
a. grasland, en
b. bouwland.
3. Het tweede lid, aanhef en onderdeel b, is alleen van toepassing indien uiterlijk op 16 september 2014 op de desbetreffende grond een gewas wordt geteeld dat behoort tot de gewasgroep ‘groenbemesters’ van Bijlage A, tabel 1, van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwetof indien in de desbetreffende grond in het daarop aansluitende najaar bloembollen worden geplant.
2. Van het in artikel 4, derde lid, van het Besluit gebruik meststoffengestelde verbod wordt in de periode van 1 tot en met 15 september 2014 vrijstelling verleend voor het gebruik van drijfmest op:
a. grasland, en
b. bouwland.
3. Het tweede lid, aanhef en onderdeel b, is alleen van toepassing indien uiterlijk op 16 september 2014 op de desbetreffende grond een gewas wordt geteeld dat behoort tot de gewasgroep ‘groenbemesters’ van Bijlage A, tabel 1, van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwetof indien in de desbetreffende grond in het daarop aansluitende najaar bloembollen worden geplant.