BWBR0035379
Geldig vanaf 13-02-2009
Artikel 5
Besluit directeuren tot verlening ondervolmacht niet-personele aangelegenheden Kadaster
1. Een functionaris aan wie ondervolmacht is verleend op grond van artikel 2 dan wel artikel 3, eerste lid, oefent zijn ondervolmacht uit binnen de grenzen van de voor zijn eenheid vastgestelde taken en zijn functieomschrijving, alsmede met inachtneming van het ter zake geldende recht, de door het bestuur vastgestelde kaders zoals beleids- en uitvoeringsregels, en de bepalingen vermeld in dit besluit.
2. Het nemen van beslissingen of het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen met (mogelijke) financiële gevolgen geschiedt overigens met inachtneming van de aan hem toegekende budgetten op basis van het geldende jaarplan.
3. Een functionaris aan wie ondervolmacht is verleend, is gehouden de algemene en bijzondere aanwijzingen als bedoeld in de artikelen 6, eerste lid, en 7, derde lid, van het besluit op te volgen.
4. Bij de uitoefening van de in artikel 3, tweede, derde en vierde lid, bedoelde ondervolmachten is de betrokken adviseur gehouden tot hetgeen waartoe de directeur Strategie en Beleid onderscheidenlijk de directeur Financiën, Planning en Control onderscheidenlijk de secretaris Raad van Bestuur gehouden is op grond van het eerste en tweede lid.
2. Het nemen van beslissingen of het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen met (mogelijke) financiële gevolgen geschiedt overigens met inachtneming van de aan hem toegekende budgetten op basis van het geldende jaarplan.
3. Een functionaris aan wie ondervolmacht is verleend, is gehouden de algemene en bijzondere aanwijzingen als bedoeld in de artikelen 6, eerste lid, en 7, derde lid, van het besluit op te volgen.
4. Bij de uitoefening van de in artikel 3, tweede, derde en vierde lid, bedoelde ondervolmachten is de betrokken adviseur gehouden tot hetgeen waartoe de directeur Strategie en Beleid onderscheidenlijk de directeur Financiën, Planning en Control onderscheidenlijk de secretaris Raad van Bestuur gehouden is op grond van het eerste en tweede lid.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035379
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl