BWBR0035165
Geldig vanaf 2014-07-01
Artikel 10
Subsidieregeling SWOV 2014
1. Zolang de subsidie niet is vastgesteld, kan de minister ambtshalve het maximale subsidiebedrag, genoemd in artikel 5, eerste lid, verhogen met een bedrag dat ten hoogste bedraagt het bedrag dat wordt verkregen door:
a. het bedrag van de looncomponent in de subsidie te indexeren met het percentage voor de arbeidskostenontwikkeling, genoemd in de desbetreffende loonbijstellingsbrief van het ministerie van Financiën met betrekking tot compensatie voor de arbeidskostenontwikkeling van B3-instelllingen in de g&g-sector (code 905), en
b. het resterende bedrag van de subsidie te indexeren met het percentage voor de prijsontwikkeling van de materiele kosten in de desbetreffende prijsbijstelingsbrief van het ministerie van Financiën met betrekking tot de materiele consumptieve overheidsuitgaven (code 3).
2. De beschikking, bedoeld in het eerste lid, vermeldt tevens het bedrag van de looncomponent en de prijscomponent in de subsidie voor het volgende boekjaar. Voor het boekjaar 2015 bedraagt de looncomponent € 2.573.190,55 en de prijscomponent € 1.150.297,35 (prijspeil 2013).
a. het bedrag van de looncomponent in de subsidie te indexeren met het percentage voor de arbeidskostenontwikkeling, genoemd in de desbetreffende loonbijstellingsbrief van het ministerie van Financiën met betrekking tot compensatie voor de arbeidskostenontwikkeling van B3-instelllingen in de g&g-sector (code 905), en
b. het resterende bedrag van de subsidie te indexeren met het percentage voor de prijsontwikkeling van de materiele kosten in de desbetreffende prijsbijstelingsbrief van het ministerie van Financiën met betrekking tot de materiele consumptieve overheidsuitgaven (code 3).
2. De beschikking, bedoeld in het eerste lid, vermeldt tevens het bedrag van de looncomponent en de prijscomponent in de subsidie voor het volgende boekjaar. Voor het boekjaar 2015 bedraagt de looncomponent € 2.573.190,55 en de prijscomponent € 1.150.297,35 (prijspeil 2013).