BWBR0035055
Geldig vanaf 2014-04-24
Artikel 2
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Mensenrechtenfonds Kleine Activiteiten 2014)
1. Voor subsidieverlening in het kader van het Mensenrechtenfonds Kleine Activiteiten 2014 ten behoeve van activiteiten, bedoeld in artikel 2.1en artikel 4.8 van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006, geldt voor aanvragen ingediend in de periode vanaf de inwerkingtreding van dit besluit tot en met 31 december 2014 een subsidieplafond van € 3.300.000,–
2. Van het bedrag genoemd in lid 1 is € 2 miljoen bedoeld voor mensenrechtenprojecten die ten minste voor 50% van de voor de uitvoering van het project benodigde middelen zijn gericht op ODA-landen, € 1 miljoen bedoeld voor mensenrechtenprojecten die ten minste voor 50% van de voor de uitvoering van het project benodigde middelen zijn gericht op non-ODA-landen en € 300.000 voor mensenrechtenprojecten waarbij cultuur als een instrument wordt ingezet.
3. Meerjarige subsidies kunnen worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht, dat daarvoor in de daarop betrekking hebbende begroting voldoende middelen ter beschikking worden gesteld.
2. Van het bedrag genoemd in lid 1 is € 2 miljoen bedoeld voor mensenrechtenprojecten die ten minste voor 50% van de voor de uitvoering van het project benodigde middelen zijn gericht op ODA-landen, € 1 miljoen bedoeld voor mensenrechtenprojecten die ten minste voor 50% van de voor de uitvoering van het project benodigde middelen zijn gericht op non-ODA-landen en € 300.000 voor mensenrechtenprojecten waarbij cultuur als een instrument wordt ingezet.
3. Meerjarige subsidies kunnen worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht, dat daarvoor in de daarop betrekking hebbende begroting voldoende middelen ter beschikking worden gesteld.