BWBR0034488
Geldig vanaf 2014-01-01
Artikel 5
Subsidieregeling internationaal ondernemen 2014
1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een ondersteuner die een ondersteuningstraject heeft uitgevoerd en die in verband daarmee een geldig internationaliseringsvoucher overlegt.
2. Voor subsidie op grond van het eerste lid kunnen uitsluitend in aanmerking komen:
a. een stichting of een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid die blijkens haar statuten tot doel heeft de belangen te behartigen van ondernemingen of organisaties van ondernemingen;
b. de kamer van koophandel;
c. een exportadviesonderneming, die statutair of naar werkzaamheden gericht of mede gericht is op het adviseren en begeleiden van MKB-ondernemingen op het gebied van internationaal ondernemen en export.
3. Organisaties, bedoeld in het tweede lid, kunnen slechts voor subsidie in aanmerking komen indien:
a. zij in voldoende mate beschikken over deskundige personele capaciteit op ten minste hbo-niveau met drie of meer jaren ervaring met het in het kader van de in het tweede lid, onderdeel c, bedoelde kerntaken adviseren en begeleiden van en in een nauwe relatie met MKB-ondernemingen op het terrein van internationaal ondernemen en export, en
b. zij zich bereid verklaren om de gedragscode die als bijlage bij deze regeling is gevoegd, na te leven.
4. Geen subsidie wordt verstrekt voor een ondersteuningstraject ten behoeve van een ondernemer aan wie krachtens hoofdstuk 2 van de Subsidieregeling internationaal ondernemeneen subsidie is verleend die nog niet is vastgesteld.
2. Voor subsidie op grond van het eerste lid kunnen uitsluitend in aanmerking komen:
a. een stichting of een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid die blijkens haar statuten tot doel heeft de belangen te behartigen van ondernemingen of organisaties van ondernemingen;
b. de kamer van koophandel;
c. een exportadviesonderneming, die statutair of naar werkzaamheden gericht of mede gericht is op het adviseren en begeleiden van MKB-ondernemingen op het gebied van internationaal ondernemen en export.
3. Organisaties, bedoeld in het tweede lid, kunnen slechts voor subsidie in aanmerking komen indien:
a. zij in voldoende mate beschikken over deskundige personele capaciteit op ten minste hbo-niveau met drie of meer jaren ervaring met het in het kader van de in het tweede lid, onderdeel c, bedoelde kerntaken adviseren en begeleiden van en in een nauwe relatie met MKB-ondernemingen op het terrein van internationaal ondernemen en export, en
b. zij zich bereid verklaren om de gedragscode die als bijlage bij deze regeling is gevoegd, na te leven.
4. Geen subsidie wordt verstrekt voor een ondersteuningstraject ten behoeve van een ondernemer aan wie krachtens hoofdstuk 2 van de Subsidieregeling internationaal ondernemeneen subsidie is verleend die nog niet is vastgesteld.