BWBR0034367
Geldig vanaf 2013-12-18
Artikel 2
Wet bepaling van de jaarlijkse uitkering aan de regent
De uitkering aan de regent is uit de volgende gedeelten samengesteld:
– het gedeelte van de uitkering aan de Koning dat betrekking heeft op het inkomensbestanddeel, vermeld onder A van de in het tweede lid van artikel 1 van de Wet financieel statuut van het koninklijk huis opgenomen tabel, verminderd met het gedeelte van het bedrag van de uitkering aan de echtgenoot of echtgenote van de Koning vermeld onder A van deze tabel;
– het gedeelte van de uitkering aan de Koning dat betrekking heeft op de personele en materiële uitgaven, vermeld onder B van de in het tweede lid, van artikel 1 van de Wet financieel statuut van het koninklijk huis opgenomen tabel, verminderd met een tiende deel hiervan.
– het gedeelte van de uitkering aan de Koning dat betrekking heeft op het inkomensbestanddeel, vermeld onder A van de in het tweede lid van artikel 1 van de Wet financieel statuut van het koninklijk huis opgenomen tabel, verminderd met het gedeelte van het bedrag van de uitkering aan de echtgenoot of echtgenote van de Koning vermeld onder A van deze tabel;
– het gedeelte van de uitkering aan de Koning dat betrekking heeft op de personele en materiële uitgaven, vermeld onder B van de in het tweede lid, van artikel 1 van de Wet financieel statuut van het koninklijk huis opgenomen tabel, verminderd met een tiende deel hiervan.