BWBR0033977
Geldig vanaf 2013-10-05
Artikel 3
Tijdelijke regeling tegemoetkoming voor niet AWBZ-verzekerde arbeidsongeschikten
Rechthebbende op grond van deze regeling is degene die:
a. op 1 juli van het kalenderjaar recht heeft op: 1°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer;
2°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van hoofdstuk 6 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
3°. een werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten op grond van hoofdstuk 7 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
4°. een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen bij een arbeidongeschiktheid van 35% of meer; of
5°. arbeidsondersteuning of op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35% of meer; en
1°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer;
2°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van hoofdstuk 6 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
3°. een werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten op grond van hoofdstuk 7 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
4°. een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen bij een arbeidongeschiktheid van 35% of meer; of
5°. arbeidsondersteuning of op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35% of meer; en
b. woonachtig is op het grondgebied van: 1°. één van de andere lidstaten van de Europese Unie dan Nederland;
2°. een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;
3°. Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, of
4°. een staat waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft afgesloten; en
1°. één van de andere lidstaten van de Europese Unie dan Nederland;
2°. een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;
3°. Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, of
4°. een staat waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft afgesloten; en
c. geen recht heeft op een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 10 van de Wtcg.
a. op 1 juli van het kalenderjaar recht heeft op: 1°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer;
2°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van hoofdstuk 6 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
3°. een werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten op grond van hoofdstuk 7 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
4°. een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen bij een arbeidongeschiktheid van 35% of meer; of
5°. arbeidsondersteuning of op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35% of meer; en
1°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer;
2°. een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van hoofdstuk 6 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
3°. een werkhervattingsuitkering gedeeltelijk arbeidsgeschikten op grond van hoofdstuk 7 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
4°. een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen bij een arbeidongeschiktheid van 35% of meer; of
5°. arbeidsondersteuning of op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35% of meer; en
b. woonachtig is op het grondgebied van: 1°. één van de andere lidstaten van de Europese Unie dan Nederland;
2°. een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;
3°. Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, of
4°. een staat waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft afgesloten; en
1°. één van de andere lidstaten van de Europese Unie dan Nederland;
2°. een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland;
3°. Aruba, Curaçao, Sint Maarten, of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, of
4°. een staat waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft afgesloten; en
c. geen recht heeft op een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 10 van de Wtcg.