BWBR0033875
Geldig vanaf 20-09-2013
Artikel 10
Regeling bijzondere uitkering natuur
1. De minister verstrekt aan de openbare lichamen per kwartaal een voorschot op de verleende middelen van de bijzondere uitkering natuur.
2. De hoogte van het voorschot wordt per project vastgesteld op basis van een bevoorschottingsregime dat is vastgesteld bij het besluit, bedoeld in artikel 6.
3. De minister kan op verzoek van het openbaar lichaam besluiten om de hoogte van een voorschot hoger of lager vast te stellen.
4. De minister kan besluiten om de verstrekking van voorschotten voor een project op te schorten, indien:
a. een project wordt uitgevoerd op een wijze die niet langer voldoet aan de doelstellingen van artikel 2, of de criteria, bedoeld in artikel 6;
b. een project wordt uitgevoerd in strijd met voorschriften als bedoeld in artikel 7, eerste lid;
c. verleende voorschotten zijn besteed aan een ander doel dan waarvoor het voorschot is verleend.
2. De hoogte van het voorschot wordt per project vastgesteld op basis van een bevoorschottingsregime dat is vastgesteld bij het besluit, bedoeld in artikel 6.
3. De minister kan op verzoek van het openbaar lichaam besluiten om de hoogte van een voorschot hoger of lager vast te stellen.
4. De minister kan besluiten om de verstrekking van voorschotten voor een project op te schorten, indien:
a. een project wordt uitgevoerd op een wijze die niet langer voldoet aan de doelstellingen van artikel 2, of de criteria, bedoeld in artikel 6;
b. een project wordt uitgevoerd in strijd met voorschriften als bedoeld in artikel 7, eerste lid;
c. verleende voorschotten zijn besteed aan een ander doel dan waarvoor het voorschot is verleend.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033875
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl