BWBR0033699
Geldig vanaf 2013-07-23
Artikel 2
Beleidsregel ontheffing overzetten aal
Een aanvraag als bedoeld in artikel 1gaat vergezeld van:
a. een projectplan waarin: 1°. adres en GPS coördinaten van de beoogde locatie is vermeld en is aangegeven op een overzichtskaart;
2°. locaties van de te gebruiken fuiken zijn aangegeven;
3°. per locatie is aangegeven wie werkzaamheden zal uitvoeren;
4°. wordt aangegeven hoe frequent en op welke dagen van de week de fuiken worden geleegd;
5°. in welke periode de fuiken in het water staan;
6°. hoe en door wie de controle, bedoeld in artikel 1, tweede lid, zal plaatsvinden, en
7°. beschrijving van de voorzieningen, als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel d, en
1°. adres en GPS coördinaten van de beoogde locatie is vermeld en is aangegeven op een overzichtskaart;
2°. locaties van de te gebruiken fuiken zijn aangegeven;
3°. per locatie is aangegeven wie werkzaamheden zal uitvoeren;
4°. wordt aangegeven hoe frequent en op welke dagen van de week de fuiken worden geleegd;
5°. in welke periode de fuiken in het water staan;
6°. hoe en door wie de controle, bedoeld in artikel 1, tweede lid, zal plaatsvinden, en
7°. beschrijving van de voorzieningen, als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel d, en
b. een document waaruit blijkt dat aan het vereiste van artikel 1, tweede lid, onderdeel e, is voldaan.
a. een projectplan waarin: 1°. adres en GPS coördinaten van de beoogde locatie is vermeld en is aangegeven op een overzichtskaart;
2°. locaties van de te gebruiken fuiken zijn aangegeven;
3°. per locatie is aangegeven wie werkzaamheden zal uitvoeren;
4°. wordt aangegeven hoe frequent en op welke dagen van de week de fuiken worden geleegd;
5°. in welke periode de fuiken in het water staan;
6°. hoe en door wie de controle, bedoeld in artikel 1, tweede lid, zal plaatsvinden, en
7°. beschrijving van de voorzieningen, als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel d, en
1°. adres en GPS coördinaten van de beoogde locatie is vermeld en is aangegeven op een overzichtskaart;
2°. locaties van de te gebruiken fuiken zijn aangegeven;
3°. per locatie is aangegeven wie werkzaamheden zal uitvoeren;
4°. wordt aangegeven hoe frequent en op welke dagen van de week de fuiken worden geleegd;
5°. in welke periode de fuiken in het water staan;
6°. hoe en door wie de controle, bedoeld in artikel 1, tweede lid, zal plaatsvinden, en
7°. beschrijving van de voorzieningen, als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel d, en
b. een document waaruit blijkt dat aan het vereiste van artikel 1, tweede lid, onderdeel e, is voldaan.