BWBR0033604
Geldig vanaf 2013-12-13
Artikel 3
Regeling pleegvergoeding
Het basisbedrag, bedoeld in artikel 2, wordt steeds vermeerderd met een door de pleegzorgaanbieder vast te stellen toeslag van ten hoogste het in de bijlagebij deze regeling opgenomen bedrag voor door de pleegouder ten behoeve van het pleegkind noodzakelijk gemaakte kosten, waarvan de pleegouder aantoont dat deze niet kunnen worden voldaan uit het basisbedrag en waarvoor geen uitkering op grond van een andere regeling kan worden verstrekt, indien:
a. het pleegkind aanspraak heeft op verblijf bij een pleegouder op grond van artikel 14 van het Uitvoeringsbesluit Wet op de jeugdzorg en de pleegouder in verband hiermee extra kosten moet maken;
b. de pleegouder aan drie of meer pleegkinderen verzorging en opvoeding biedt, vanaf het derde en volgende pleegkind;
c. de pleegouder verzorging en opvoeding aan een pleegkind met een verstandelijke, zintuiglijke of lichamelijke beperking biedt die noodzaakt tot het maken van extra kosten.
a. het pleegkind aanspraak heeft op verblijf bij een pleegouder op grond van artikel 14 van het Uitvoeringsbesluit Wet op de jeugdzorg en de pleegouder in verband hiermee extra kosten moet maken;
b. de pleegouder aan drie of meer pleegkinderen verzorging en opvoeding biedt, vanaf het derde en volgende pleegkind;
c. de pleegouder verzorging en opvoeding aan een pleegkind met een verstandelijke, zintuiglijke of lichamelijke beperking biedt die noodzaakt tot het maken van extra kosten.