BWBR0033353
Geldig vanaf 18-05-2007
Artikel 3
Bestuursreglement College voor zorgverzekeringen 2007
1. Een bestuurslid heeft het recht van verschoning indien hij van mening is dat zijn onpartijdigheid bij een bepaalde aangelegenheid in het geding zou kunnen zijn. Indien hij van het recht van verschoning gebruik maakt, doet hij hiervan mededeling aan de voorzitter, dan wel, indien het de voorzitter betreft, de plaatsvervangend voorzitter.
2. Indien het bestuur van mening is dat de onpartijdigheid van een bestuurslid bij een bepaalde aangelegenheid in het geding zou kunnen zijn of de schijn van partijdigheid de taakvervulling van het bestuur met betrekking tot die aangelegenheid kan schaden, kan het bestuur besluiten een bestuurslid ongevraagd verschoning te verlenen.
2. Indien het bestuur van mening is dat de onpartijdigheid van een bestuurslid bij een bepaalde aangelegenheid in het geding zou kunnen zijn of de schijn van partijdigheid de taakvervulling van het bestuur met betrekking tot die aangelegenheid kan schaden, kan het bestuur besluiten een bestuurslid ongevraagd verschoning te verlenen.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033353
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl