BWBR0033115
Geldig vanaf 2013-04-01
Artikel 3
Besluit voorraadvorming aardolieproducten 2013
1. Een verzoek als bedoeld in artikel 19, eerste lid, onder a, van de wet, gaat vergezeld van de volgende informatie:
a. de door de voorraadplichtige in voorraad te houden hoeveelheid aardolieproducten,
b. de hoeveelheid en de categorie van de aardolieproducten die de voorraadplichtige in eigendom heeft,
c. de beschikbare opslagcapaciteit van de voorraadplichtige,
d. de minimale hoeveelheid, onderverdeeld in categorieën, van de aardolieproducten die per maand nodig zijn om de reguliere bedrijfsvoering uit te oefenen en
e. een uiteenzetting van feiten of omstandigheden die aantonen dat de opgelegde voorraadplicht een onevenredig zware financiële belasting met zich meebrengt.
2. Een verzoek als bedoeld in artikel 19, eerste lid, onder b, van de wet, gaat vergezeld van de aangifte of het verzoek, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Faillissementswet.
a. de door de voorraadplichtige in voorraad te houden hoeveelheid aardolieproducten,
b. de hoeveelheid en de categorie van de aardolieproducten die de voorraadplichtige in eigendom heeft,
c. de beschikbare opslagcapaciteit van de voorraadplichtige,
d. de minimale hoeveelheid, onderverdeeld in categorieën, van de aardolieproducten die per maand nodig zijn om de reguliere bedrijfsvoering uit te oefenen en
e. een uiteenzetting van feiten of omstandigheden die aantonen dat de opgelegde voorraadplicht een onevenredig zware financiële belasting met zich meebrengt.
2. Een verzoek als bedoeld in artikel 19, eerste lid, onder b, van de wet, gaat vergezeld van de aangifte of het verzoek, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Faillissementswet.