BWBR0033035
Geldig vanaf 25-10-2005
Artikel 3
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Centraal Bureau voor de Statistiek
Aan de directeur-generaal blijft voorbehouden het nemen van besluiten, het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten van andere handelingen met betrekking tot:
a. onderwerpen op het gebied van beleid(sontwikkeling) en strategie, het onderhouden van nationale en internationale externe betrekkingen en onderwerpen met een niet-routinematig karakter;
b. het vaststellen van het werkterrein van de plaatsvervangend directeur-generaal, van het lid van de Raad van Bestuur, van de afzonderlijke directeuren, van het hoofd Bedrijfsvoering en het hoofd Beleidsstaf;
c. het vaststellen van het budget voor de bedrijfsvoering op de werkterreinen, bedoeld onder b;
d. onderwerpen die twee of meer divisies van het CBS raken, tenzij daarover tussen de betrokken directeuren overeenstemming bestaat;
e. personeelsaangelegenheden betreffende directeuren, het hoofd Beleidsstaf, sectorhoofden en hun respectieve plaatsvervangers;
f. personeelsaangelegenheden betreffende alle personeelsleden, inzake: i. detachering bij een internationale organisatie en verlening van langdurig buitengewoon verlof met het oog op de vervulling van een betrekking bij een dergelijke organisatie;
ii. ontslag op grond van artikel 96B van het ARAR na terugkeer van langdurig non-activiteitsverlof als bedoeld in artikel 16 van het ARAR, respectievelijk van langdurig buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 34 van het ARAR;
iii. ontslag op grond van de artikelen 81 (lid 1 sub l), 98, 98a en 99 van het ARAR.
i. detachering bij een internationale organisatie en verlening van langdurig buitengewoon verlof met het oog op de vervulling van een betrekking bij een dergelijke organisatie;
ii. ontslag op grond van artikel 96B van het ARAR na terugkeer van langdurig non-activiteitsverlof als bedoeld in artikel 16 van het ARAR, respectievelijk van langdurig buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 34 van het ARAR;
iii. ontslag op grond van de artikelen 81 (lid 1 sub l), 98, 98a en 99 van het ARAR.
a. onderwerpen op het gebied van beleid(sontwikkeling) en strategie, het onderhouden van nationale en internationale externe betrekkingen en onderwerpen met een niet-routinematig karakter;
b. het vaststellen van het werkterrein van de plaatsvervangend directeur-generaal, van het lid van de Raad van Bestuur, van de afzonderlijke directeuren, van het hoofd Bedrijfsvoering en het hoofd Beleidsstaf;
c. het vaststellen van het budget voor de bedrijfsvoering op de werkterreinen, bedoeld onder b;
d. onderwerpen die twee of meer divisies van het CBS raken, tenzij daarover tussen de betrokken directeuren overeenstemming bestaat;
e. personeelsaangelegenheden betreffende directeuren, het hoofd Beleidsstaf, sectorhoofden en hun respectieve plaatsvervangers;
f. personeelsaangelegenheden betreffende alle personeelsleden, inzake: i. detachering bij een internationale organisatie en verlening van langdurig buitengewoon verlof met het oog op de vervulling van een betrekking bij een dergelijke organisatie;
ii. ontslag op grond van artikel 96B van het ARAR na terugkeer van langdurig non-activiteitsverlof als bedoeld in artikel 16 van het ARAR, respectievelijk van langdurig buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 34 van het ARAR;
iii. ontslag op grond van de artikelen 81 (lid 1 sub l), 98, 98a en 99 van het ARAR.
i. detachering bij een internationale organisatie en verlening van langdurig buitengewoon verlof met het oog op de vervulling van een betrekking bij een dergelijke organisatie;
ii. ontslag op grond van artikel 96B van het ARAR na terugkeer van langdurig non-activiteitsverlof als bedoeld in artikel 16 van het ARAR, respectievelijk van langdurig buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 34 van het ARAR;
iii. ontslag op grond van de artikelen 81 (lid 1 sub l), 98, 98a en 99 van het ARAR.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033035
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl