BWBR0032708
Geldig vanaf 01-01-2013
Artikel 7
Regeling literaire projecten en manifestaties
1. De aanvragen worden getoetst aan de volgende criteria:
a. het belang van de activiteiten voor het Nederlandse literaire en culturele klimaat;
b. de professionaliteit van de aanvrager;
c. de kwaliteit van de activiteiten beschreven in het plan;
d. het innovatief karakter van de activiteiten;
e. het beoogd publieksbereik (kwalitatief en kwantitatief);
f. de mate waarin de activiteiten bijdragen aan talentontwikkeling en leesbevordering;
g. culturele diversiteit;
h. de kwaliteit en realiteitszin van de begroting;
i. de kwaliteit en realiteitszin van het marketingplan;
j. de mate waarin de aanvrager er in is geslaagd andere financiering voor de activiteiten te vinden;
k. de mate waarin de activiteiten gerelateerd zijn aan de reguliere werkzaamheden van de aanvrager;
l. de geografische spreiding van de activiteiten over Nederland;
m. De mate waarin vorige literaire activiteiten, waarvoor een subsidie door het Letterenfonds of zijn rechtsvoorgangers is verleend, zijn uitgevoerd en er aan de opgelegde subsidieverplichtingen is voldaan.
2. Voor toekenning van de aanvraag dient in ieder geval het oordeel over a, b, c, e en h, positief te zijn.
a. het belang van de activiteiten voor het Nederlandse literaire en culturele klimaat;
b. de professionaliteit van de aanvrager;
c. de kwaliteit van de activiteiten beschreven in het plan;
d. het innovatief karakter van de activiteiten;
e. het beoogd publieksbereik (kwalitatief en kwantitatief);
f. de mate waarin de activiteiten bijdragen aan talentontwikkeling en leesbevordering;
g. culturele diversiteit;
h. de kwaliteit en realiteitszin van de begroting;
i. de kwaliteit en realiteitszin van het marketingplan;
j. de mate waarin de aanvrager er in is geslaagd andere financiering voor de activiteiten te vinden;
k. de mate waarin de activiteiten gerelateerd zijn aan de reguliere werkzaamheden van de aanvrager;
l. de geografische spreiding van de activiteiten over Nederland;
m. De mate waarin vorige literaire activiteiten, waarvoor een subsidie door het Letterenfonds of zijn rechtsvoorgangers is verleend, zijn uitgevoerd en er aan de opgelegde subsidieverplichtingen is voldaan.
2. Voor toekenning van de aanvraag dient in ieder geval het oordeel over a, b, c, e en h, positief te zijn.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0032708
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl