BWBR0032065
Geldig vanaf 2011-04-01
Artikel 3
Omzettingsregeling luchthaven Terlet
Op de luchthaven zijn gelegen:
a. een onverharde start- en landingsbaan in de geografische richting 040°-220° met een lengte van 1182 meter en een breedte van minimaal 30 meter, met daarbij behorende onverharde rijbanen, voor de vliegtuigen, die worden gebruikt voor het doen opstijgen van zweefvliegtuigen, alsmede ten behoeve van motorzweefvliegtuigen, ingedeeld onder codenummer 2 en codeletter C;
b. een onverharde start- en landingsbaan in de geografische richting 120°-300° met een lengte van 590 meter en een breedte van minimaal 30 meter, met daarbij behorende onverharde rijbanen, voor de vliegtuigen die worden gebruikt voor het doen opstijgen van zweefvliegtuigen, alsmede voor het gebruik door motorzweefvliegtuigen, ingedeeld onder codenummer 1 en codeletter C; een en ander zoals vermeld in bijlage 14 van het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart (Trb. 1973, 109), en zoals aangegeven op de kaart in bijlage 1 bij deze regeling.
c. zes onverharde lierbanen, waarvan drie gelegen in de geografische richting 040°-220°, twee in de richting 140°-320°, en één in de richting 120°-300°, zoals aangegeven op de kaart in bijlage 1 bij deze regeling.
a. een onverharde start- en landingsbaan in de geografische richting 040°-220° met een lengte van 1182 meter en een breedte van minimaal 30 meter, met daarbij behorende onverharde rijbanen, voor de vliegtuigen, die worden gebruikt voor het doen opstijgen van zweefvliegtuigen, alsmede ten behoeve van motorzweefvliegtuigen, ingedeeld onder codenummer 2 en codeletter C;
b. een onverharde start- en landingsbaan in de geografische richting 120°-300° met een lengte van 590 meter en een breedte van minimaal 30 meter, met daarbij behorende onverharde rijbanen, voor de vliegtuigen die worden gebruikt voor het doen opstijgen van zweefvliegtuigen, alsmede voor het gebruik door motorzweefvliegtuigen, ingedeeld onder codenummer 1 en codeletter C; een en ander zoals vermeld in bijlage 14 van het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart (Trb. 1973, 109), en zoals aangegeven op de kaart in bijlage 1 bij deze regeling.
c. zes onverharde lierbanen, waarvan drie gelegen in de geografische richting 040°-220°, twee in de richting 140°-320°, en één in de richting 120°-300°, zoals aangegeven op de kaart in bijlage 1 bij deze regeling.