BWBR0032046
Geldig vanaf 2013-01-01
Artikel XIV
Aanpassingswet zbo’s IenM aan de Kaderwet zbo’s
1. Bij de eerste samenstelling van de raad van toezicht van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen wordt bij de benoeming rekening gehouden met de periode van benoeming in de raad van toezicht van de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen.
2. Bij de eerste samenstelling van de raad van toezicht van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen benoemt Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, in tegenstelling tot het bepaalde in artikel 4ah, derde lid, Wegenverkeerswet 1994, de voorzitter van de raad van toezicht, zonder dat hij de raad hoort.
2. Bij de eerste samenstelling van de raad van toezicht van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen benoemt Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, in tegenstelling tot het bepaalde in artikel 4ah, derde lid, Wegenverkeerswet 1994, de voorzitter van de raad van toezicht, zonder dat hij de raad hoort.