BWBR0031975
Geldig vanaf 15-09-2012
Artikel 4
Beleidsregel elektronische communicatie UWV
– 1. Een bericht dat op grond van artikel 32e, eerste lid, van de Wet SUWI en deze Beleidsregel elektronisch verzonden moet worden; a. maar desondanks per niet-elektronische post door UWV wordt ontvangen; of
b. dat weliswaar elektronisch naar UWV wordt verzonden, maar niet via een daarvoor uitdrukkelijk door UWV opengesteld elektronisch kanaal door UWV wordt ontvangen; wordt niet in behandeling genomen.
a. maar desondanks per niet-elektronische post door UWV wordt ontvangen; of
b. dat weliswaar elektronisch naar UWV wordt verzonden, maar niet via een daarvoor uitdrukkelijk door UWV opengesteld elektronisch kanaal door UWV wordt ontvangen;
– 2. UWV bevestigt het niet in behandeling nemen van het bericht aan de afzender. Daarbij vermeldt UWV waar de afzender informatie kan verkrijgen over de juiste wijze van verzending.
– 3. Als het bericht een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht bevat vindt de bevestiging bedoeld in het tweede lid niet eerder plaats dan nadat de afzender in de gelegenheid is gesteld om het bericht alsnog binnen twee weken via het uitdrukkelijk daarvoor door UWV opengestelde elektronische kanaal in te dienen. De aanvrager wordt daartoe echter niet in de gelegenheid gesteld wanneer zijn bericht automatisch door de door UWV gebruikte software wordt geweigerd.
– 4. De in het derde lid genoemde termijn kan op verzoek worden verlengd met één week, en in bijzondere gevallen met vier weken.
b. dat weliswaar elektronisch naar UWV wordt verzonden, maar niet via een daarvoor uitdrukkelijk door UWV opengesteld elektronisch kanaal door UWV wordt ontvangen; wordt niet in behandeling genomen.
a. maar desondanks per niet-elektronische post door UWV wordt ontvangen; of
b. dat weliswaar elektronisch naar UWV wordt verzonden, maar niet via een daarvoor uitdrukkelijk door UWV opengesteld elektronisch kanaal door UWV wordt ontvangen;
– 2. UWV bevestigt het niet in behandeling nemen van het bericht aan de afzender. Daarbij vermeldt UWV waar de afzender informatie kan verkrijgen over de juiste wijze van verzending.
– 3. Als het bericht een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht bevat vindt de bevestiging bedoeld in het tweede lid niet eerder plaats dan nadat de afzender in de gelegenheid is gesteld om het bericht alsnog binnen twee weken via het uitdrukkelijk daarvoor door UWV opengestelde elektronische kanaal in te dienen. De aanvrager wordt daartoe echter niet in de gelegenheid gesteld wanneer zijn bericht automatisch door de door UWV gebruikte software wordt geweigerd.
– 4. De in het derde lid genoemde termijn kan op verzoek worden verlengd met één week, en in bijzondere gevallen met vier weken.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0031975
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl