BWBR0031810
Geldig vanaf 2012-07-20
Artikel 4
Besluit uitvoering onafhankelijkheidseisen energierichtlijnen
1. Indien een gasopslagbedrijf voldoet aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 9b, eerste lid, onderdelen a en b, van de Gaswet, dan dient dit bedrijf eveneens te voldoen aan de volgende eisen:
a. de personen die verantwoordelijk zijn voor het beheer van het gasopslagbedrijf nemen niet deel in bedrijfsstructuren van het geïntegreerde gasbedrijf die direct of indirect verantwoordelijk zijn voor het dagelijkse beheer van de productie en levering van aardgas;
b. er moeten passende maatregelen worden genomen zodat personen die verantwoordelijk zijn voor het beheer van het gasopslagbedrijf onafhankelijk kunnen functioneren;
c. het gasopslagbedrijf heeft effectieve beslissingsbevoegdheid, onafhankelijk van het geïntegreerde gasbedrijf, wat de activa betreft die noodzakelijk zijn voor de exploitatie, het onderhoud en de ontwikkeling van de opslaginstallaties;
d. het gasopslagbedrijf heeft een nalevingprogramma met maatregelen die moeten worden genomen om discriminerend en concurrentieverstorend gedrag uit te sluiten. Het nalevingsprogramma bevat de specifieke verplichtingen van de werknemers ter verwezenlijking van die doelstellingen.
2. Een gasbedrijf overlegt een verslag over de uitvoering van het nalevingsprogramma, bedoeld in het eerste lid, onder d, jaarlijks aan de Autoriteit Consument en Markt en publiceert dit verslag jaarlijks op geschikte wijze.
a. de personen die verantwoordelijk zijn voor het beheer van het gasopslagbedrijf nemen niet deel in bedrijfsstructuren van het geïntegreerde gasbedrijf die direct of indirect verantwoordelijk zijn voor het dagelijkse beheer van de productie en levering van aardgas;
b. er moeten passende maatregelen worden genomen zodat personen die verantwoordelijk zijn voor het beheer van het gasopslagbedrijf onafhankelijk kunnen functioneren;
c. het gasopslagbedrijf heeft effectieve beslissingsbevoegdheid, onafhankelijk van het geïntegreerde gasbedrijf, wat de activa betreft die noodzakelijk zijn voor de exploitatie, het onderhoud en de ontwikkeling van de opslaginstallaties;
d. het gasopslagbedrijf heeft een nalevingprogramma met maatregelen die moeten worden genomen om discriminerend en concurrentieverstorend gedrag uit te sluiten. Het nalevingsprogramma bevat de specifieke verplichtingen van de werknemers ter verwezenlijking van die doelstellingen.
2. Een gasbedrijf overlegt een verslag over de uitvoering van het nalevingsprogramma, bedoeld in het eerste lid, onder d, jaarlijks aan de Autoriteit Consument en Markt en publiceert dit verslag jaarlijks op geschikte wijze.