BWBR0031778
Geldig vanaf 2011-11-15
Artikel 2
Besluit mandaat Stichting Veiligheid en Vakmanschap Rail Vervoer
1. Aan het bestuur wordt mandaat verleend om besluiten te nemen inzake:
a. de afgifte van beoordelingen als bedoeld in de artikelen 50, eerste en tweede lid, en artikel 51a, vierde lid, van de Spoorwegwet;
b. erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties, voor zover het betreft een erkenning als bedoeld in artikel 50, eerste lid, aanhef en onder b, van de Spoorwegwet, en de bij de erkenning behorende bevoegdheden, bedoeld in paragraaf 4 van de Regeling spoorwegpersoneel 2011;
c. de vaststelling van een examenprogramma als bedoeld in artikel 6, eerste en tweede lid, van het Besluit spoorwegpersoneel 2011;
d. de erkenning van examinatoren als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van het Besluit spoorwegpersoneel 2011.
2. Het bestuur kan ten aanzien van de aan hem ingevolge het eerste lid verleende bevoegdheden ondermandaat verlenen aan één of meerdere van de leden van het bestuur of aan één of meerdere van de onder het bestuur ressorterende functionarissen.
a. de afgifte van beoordelingen als bedoeld in de artikelen 50, eerste en tweede lid, en artikel 51a, vierde lid, van de Spoorwegwet;
b. erkenning van beroepskwalificaties als bedoeld in artikel 5 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties, voor zover het betreft een erkenning als bedoeld in artikel 50, eerste lid, aanhef en onder b, van de Spoorwegwet, en de bij de erkenning behorende bevoegdheden, bedoeld in paragraaf 4 van de Regeling spoorwegpersoneel 2011;
c. de vaststelling van een examenprogramma als bedoeld in artikel 6, eerste en tweede lid, van het Besluit spoorwegpersoneel 2011;
d. de erkenning van examinatoren als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van het Besluit spoorwegpersoneel 2011.
2. Het bestuur kan ten aanzien van de aan hem ingevolge het eerste lid verleende bevoegdheden ondermandaat verlenen aan één of meerdere van de leden van het bestuur of aan één of meerdere van de onder het bestuur ressorterende functionarissen.